Directieverslag

Organisatie en activiteiten

De RET verzorgt het openbaar vervoer in de regio Rotterdam met bus, tram, metro en een ferry. Wij werken continu aan het verbeteren van de tevredenheid van onze klanten, minder zwartrijders en efficiënter werken. We willen dat onze reizigers en onze medewerkers zich veilig voelen in ons openbaar vervoer, de stations, op de perrons en op de ferry. De RET zorgt hiervoor met meer service, toezicht en handhaving.

De RET voert ook het beheer en onderhoud van het materieel en de infrastructuur uit. De afdelingen Vlootmanagement, Vlootservices, Inframanagement en Infraservices zorgen daarvoor. De concessie, verleend door de Metropoolregio Rotterdam Den Haag bevat prestatieafspraken om het openbaar vervoer en de sociale veiligheid te verzorgen.
Openbaar vervoer is per definitie duurzaam. Alle elektriciteit die door de RET wordt gebruikt is groen. In de grote en drukke regio Rotterdam moet ook het openbaar vervoer bijdragen aan het oplossen van problemen met luchtkwaliteit, geluidshinder en andere milieuaspecten. De RET geeft serieus invulling aan die verantwoordelijkheid, zoals is te lezen in het vervolg van dit verslag.

Stakeholders

De belangrijkste stakeholders voor de RET zijn haar klanten, de medewerkers, de opdrachtgever Metropoolregio Rotterdam Den Haag en de aandeelhouder, de gemeente Rotterdam. Per stakeholder zijn concrete doelstellingen geformuleerd voor 2017. Voor de reiziger zijn dat een score van minimaal een 7,5 in de OV-klantenbarometer en een reizigersgroei (inclusief Hoekse Lijn) van gemiddeld 4% per jaar. Voor de medewerkers zijn de doelstellingen een daling van het ziekteverzuim naar 6% en een medewerkertevredenheidsscore van minimaal een 7,2. Voor de opdrachtgever en de aandeelhouder is dat een verdere verlaging van de publieke middelen door een verhoging van de kostendekkingsgraad naar 80%.

De RET was in 2015 ook met andere stakeholders in dialoog, op verschillende niveaus en over diverse onderwerpen. Door hen regelmatig te betrekken bij het bedrijf en het beleid, krijgen we inzicht in hun standpunten en wensen, waardoor we onze dienstverlening aan de reiziger voortdurend kunnen verbeteren. Daarnaast informeren we hen ook via andere communicatiemiddelen (onder andere social media en de website) al naar gelang het onderwerp en de doelgroep.

In 2015 vond de dialoog onder meer plaats met de volgende stakeholders: ondernemingsraad, raad van commissarissen, vakbonden, gemeenten uit de Metropoolregio Rotterdam Den Haag, ministeries, belastingdienst, toezichthouders, veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond, politie, omwonenden, scholen, media, brancheorganisaties, leveranciers, zakelijke partners, collega bedrijven en belangenorganisaties.

Juridische structuur RET N.V.

RET N.V. is een naamloze vennootschap naar Nederlands recht. De vennootschap wordt bestuurd door de directie, waarvan er één statutair directeur is. De Raad van Commissarissen houdt toezicht, een onderdeel van de Raad van Commissarissen is de auditcommissie die de Raad van Commissarissen adviseert over diverse financiële onderwerpen. De directie en de Raad van Commissarissen zijn onafhankelijk van elkaar. Zie het verslag van de Raad van Commissarissen voor een samenvatting van de activiteiten van de Raad van Commissarissen in 2015.

De enige aandeelhouder van RET N.V. is de gemeente Rotterdam. De aandeelhoudersrol wordt vervuld door de wethouder Financiën, Organisatie, Haven, Binnenstad en Sport.

Organigram

Trends en ontwikkelingen

De verwachting is dat de grote steden de komende decennia blijven groeien. De Randstad verdicht zich. Tegelijkertijd verwachten we dat de consument andere behoeften en focus zal krijgen. De reiziger verwacht een persoonlijk mobiliteitsaanbod: diensten en producten zijn on-demand beschikbaar zodat de reiziger op elk gewenst moment van de dag van A naar B kan reizen op de meest optimale manier, welk vervoermiddel dit ook betreft (auto, fiets, tram, taxi, zelfrijdende voertuigen of anders). Zowel de wijze van betalen als de voertuigen en de infrastructuur worden ‘slimmer’ wat leidt tot een hoger betaal- en gebruiksgemak voor de reiziger.

Dit tezamen betekent dat het mobiliteitslandschap in de komende jaren wezenlijk zal veranderen. Het openbaar vervoer zal niet meer als losstaande entiteit worden gezien maar is onderdeel van de mobiliteitsketen. Hoewel nu nog niet te voorspellen is hoe snel de veranderingen precies zullen optreden en welke veranderingen dat specifiek zullen zijn, is wel duidelijk dat er kansen zijn voor groei van hoogwaardig openbaar vervoer.

De RET wil zorgen dat zij klaar is voor alle mogelijke varianten van een veranderend vervoerslandschap. Daarom wil de RET de komende jaren extra inzetten op het volgen van trends en deelname aan het maatschappelijke debat over het veranderende vervoerslandschap om in samenwerking met publieke en private partijen te blijven werken aan het toepassingen van innovaties voor de reiziger.

Dagelijks vervoert de RET ongeveer 600.000 reizigers met de metro, bus, tram en de fastferry (Exploitatie). Daarnaast verzorgt de RET het onderhoud aan de vloot en de infrastructuur (Techniek). Exploitatie en Techniek zijn de corebusiness van de RET. Ons bedrijfsplan bestaat uit vier strategische prioriteiten: optimale reizigersbeleving, hoge operationele kwaliteit, mobiliteitsmakelaar en gezonde organisatie. Deze prioriteiten zijn vertaald in concrete initiatieven.

Goed bestuur (corporate governance)

Openheid en transparantie zijn belangrijke waarden voor de RET. De RET is geen beursgenoteerde onderneming en is vanuit die hoedanigheid niet verplicht om de Nederlandse beginselen van deugdelijk ondernemingsbestuur en de bijbehorende ‘best practice’ bepalingen toe te passen. Wel wensen wij zoveel mogelijk te voldoen aan de Nederlandse corporate governance code (de Code). In de reglementen van de Raad van Commissarissen en de auditcommissie is de Code grotendeels verwerkt en voor zover niet toegepast, leggen we uit waarom. De RET heeft de naleving van de Code besproken met de auditcommissie en rapporteert separaat aan de aandeelhouder.

Structuur van de onderneming

RET N.V. is een naamloze vennootschap naar Nederlands recht. De vennootschap wordt bestuurd door de directie, waarvan er één statutair directeur is. De Raad van Commissarissen houdt toezicht, een onderdeel van de Raad van Commissarissen is de auditcommissie die de Raad van Commissarissen adviseert over diverse financiële onderwerpen. De directie en de Raad van Commissarissen inclusief de auditcommissie zijn onafhankelijk van elkaar. Zie het verslag van de Raad van Commissarissen voor een samenvatting van de activiteiten van de Raad van Commissarissen en de auditcommissie in 2015.

De enige aandeelhouder van de RET is de gemeente Rotterdam. De aandeelhoudersrol wordt vervuld door de wethouder Financiën, bestuur, organisatie en volksgezondheid van de gemeente Rotterdam.

Corporate governance-structuur

De directie is verantwoordelijk voor het besturen van de onderneming op een transparante wijze. De Raad van Commissarissen houdt toezicht op het beleid van de directie en opereert onafhankelijk van de bestuurder en de aandeelhouder. De directie en de Raad van Commissarissen hebben de continuïteit van de onderneming als gemeenschappelijk belang. De directie stelt de visie en de daaruit voortkomende missie, strategie en doelstellingen vast. De belangen van de vennootschap staan voor de directie altijd voorop. De directie verschaft tijdig de informatie aan de Raad van Commissarissen die nodig is om zijn taak goed uit te oefenen. De Raad van Commissarissen en zijn individuele leden zijn in staat om alle informatie te verkrijgen die nodig is om als toezichthoudend orgaan te functioneren. De directie rapporteert over ontwikkelingen op alle gebieden aan de Raad van Commissarissen en zijn commissie.

De aandeelhouder benoemt de onafhankelijke externe accountant (hierna ‘externe accountant). Deze brengt minimaal eenmaal per jaar een accountantsverslag en de ‘management letter’ uit aan de directie, de auditcommissie en de Raad van Commissarissen. De externe accountant woont alle vergaderingen van de auditcommissie bij en de externe accountant woont de vergadering van de Raad van Commissarissen bij waarin zijn verslag over de controle van de jaarrekening wordt besproken en waarin de vaststelling van de jaarrekening wordt behandeld.

Interne beheersingsstructuur

Wij zijn terughoudend in het nemen van risico´s. In de management controlcyclus binnen de RET zijn de risico’s met mogelijk strategische impact geïnventariseerd, geëvalueerd en zijn beheersmaatregelen bepaald.

Een risico wordt van strategische impact ingeschat als deze de strategische doelstellingen van de RET zoals opgenomen in het bedrijfsplan, in gevaar kunnen brengen.

Als onderdeel van onze controlcyclus monitoren we de werking van de beheersmaatregelen voor elk van de risico’s en evalueren we de impact van deze uitkomsten op onze strategische doelstellingen. De risico’s en de bijbehorende beheersingsmaatregelen worden jaarlijks in het directieoverleg en de Raad van Commissarissen behandeld.

De volgende strategische risico’s zijn onderkend:

  • Afhankelijkheid van overheid/politiek
    Opbrengsten zijn afhankelijk van kaartopbrengsten en exploitatiebijdragen, beiden kunnen worden beïnvloed door politieke keuzes, waarbij de RET slechts beperkt of geen invloed kan uitoefenen.
  • Continuïteit concessies
    Risico op niet-kostendekkende aanbesteding volgende concessie
  • Duurzame inzetbaarheid van personeel
    Vergrijzend personeelsbestand en onregelmatige diensten, risico op verhoudingsgewijs lagere vitaliteit en lagere arbeidsproductiviteit
  • Robuustheid van het openbaar vervoernet
    Een verdere groei in reizigersaantallen en reizigerskilometers kan er voor zorgen dat op enkele onderdelen de capaciteitsgrens in het metronet voor vervoer en onderhoud wordt bereikt

Hiernaast worden in de management controlcyclus ook risico´s met betrekking tot de operationele activiteiten en compliance meegewogen. Deze onderwerpen worden als risico onderkend indien zij een bedreiging vormen voor de realisatie van de in het bedrijfsplan opgenomen doelstellingen. De belangrijkste risico’s zijn als volgt:

  • Instroom technisch personeel
    Door krappe arbeidsmarkt risico op onvoldoende instroom van met name technisch personeel
  • Kwaliteit infrastructuur
    Druk op interne capaciteit en toename van het aantal buitendienststellingen, geven in combinatie met bezuinigingen het risico op een daling van de kwaliteit van de infrastructuur
  • Uitval systemen Centrale Verkeersleiding
    Risico op uitval van cruciale verkeersleiding-systemen met directe gevolgen voor de exploitatie metro
  • IT-beheersing
    Toenemende afhankelijkheid en complexiteit van ICT systemen vereist een steeds hoger niveau van IT-beheersing, in combinatie met nieuwe (privacy) regelgeving

Voor de financiële vertaling van de belangrijkste risico’s wordt gebruik gemaakt van een meerjarig financieel scenariomodel, waarin rekening wordt gehouden met meerdere scenario’s. De overige (financiële) risico’s en onzekerheden in relatie tot de financiële verslaglegging worden in de toelichting op de geconsolideerde jaarrekening toegelicht.

De RET heeft een klokkenluidersregeling en een gedragscode. De klokkenluidersregeling is verankerd in de cao en de gedragscode is beschikbaar voor het RET-personeel. Met behulp van deze regelingen en de interne handhaving heeft de directie een transparant kader geschetst voor gewenste integriteit en openheid binnen de organisatie. Er zijn 20 meldingen betreffende schendingen van integriteit onderzocht, 6 anoniem en 14 op naam.

Gedurende 2015 zijn er geen significante tekortkomingen geconstateerd in de interne beheersingsstructuur en de interne beheersingssystemen hebben naar behoren gewerkt. De interne beheersingssystemen geven een redelijke mate van zekerheid dat de financiële verslaggeving geen onjuistheden van materieel belang bevat.

De accountant heeft de ‘management letter’ naar aanleiding van zijn onderzoek naar de processen die van belang zijn voor het jaarrekeningtraject gepresenteerd aan de directie, de auditcommissie en Raad van Commissarissen. Uit dit rapport blijkt dat er weliswaar verbeterpunten zijn, maar dat de interne beheersomgeving van de RET voldoende basis vormt voor risicomanagement, informatiesysteem & communicatie, activiteiten en monitoring.

In Control Statement Project Governance

De directie is verantwoordelijk voor het inrichten, handhaven en monitoren van een adequate project governance. Om ten aanzien van de totale onderhanden projectenportefeuille in control te blijven is de RET doorgegaan op de ingeslagen weg. De volgende maatregelen zijn daartoe genomen:

  1. Maandelijkse reviews vinden plaats op ieder afzonderlijk project. Tijdens die reviews wordt specifiek gelet op eventuele risico’s in termen van geld, doorlooptijd en scope. Projecten die mogelijk tot een risico zouden kunnen leiden, zijn hiermee vroegtijdig in beeld;
  2. Ieder project bevat duidelijke meetpunten en is voorzien van een planning. De totale verzameling projecten (portfolio) wordt bestuurd overeenkomstig de Prince2 methodiek, via decentrale platforms en een centraal platform;
  3. Naast de maandelijkse reviews wordt er inzake de deelportfolio’s tweemaandelijks de stand van zaken in de Project Management Board besproken op de aspecten risico´s, benefits, issues, planning en financiën, en waar nodig bijgestuurd. Deze methodiek heeft inmiddels positieve effecten opgeleverd;
  4. De geleerde lessen worden centraal bewaakt in registers. Aan de hand van die registers trekken wij lering en passen we geleerde lessen toe in nieuwe projecten;
  5. Met behulp van een ketenrapportage die wordt opgesteld voor de meerderheid van de projecten, is vroegtijdig inzicht en besturing verkregen over toekomstige oplevering en de financiële afsluiting van projecten. Hiermee is de nadrukkelijke samenwerking tussen financiën en projectrealisatie geborgd.

Uit hoofde van projectbeheersing is Prince2 als projectmethodiek aangenomen en wordt sinds 2011 toegepast op alle projecten die sindsdien worden opgestart. Alle betrokkenen (projectmanagers, medewerkers) hebben een opleiding gekregen in deze methodiek. Een nieuw project mag alleen worden geleid door een projectmanager die minimaal Prince2 Foundation is gecertificeerd. Daarnaast moeten in alle projecten de RET templates en procedures worden toegepast. Om vast te stellen dat dit volledig en RET-breed wordt nageleefd , wordt jaarlijks een audit uitgevoerd door een geaccrediteerd Prince2 auditor. Hieruit is in 2015 wederom bevestigd dat de RET de Prince2 projectmethodiek daadwerkelijk geïmplementeerd en geborgd heeft op Prince2 maturity level 3. Ook in 2016 wordt dit geauditeerd.

Voor de projectbesturing is een ‘governance’ model in werking. Dit model zorgt dat op directieniveau volledige informatie beschikbaar is ten aanzien van de totale projectportefeuille over risico’s, voortgang en de bijdrage die projecten leveren aan de organisatiedoelstellingen.

Onder verwijzing naar best-practicebepaling II.1.5 van de Nederlandse Corporate Governance Code ten aanzien van financiële verslaggevingsrisico’s, is de directie er naar beste weten van overtuigd dat de interne risicobeheersings- en controlesystemen ten aanzien van projecten een redelijke mate van zekerheid geven dat de financiële verslaggeving ten aanzien van projecten geen onjuistheden van materieel belang bevat en dat de risicobeheersings- en controlesystemen ten aanzien van projecten in het verslagjaar naar behoren hebben gewerkt.

Risk en veiligheid

De RET is in 2015 geconfronteerd met 49 zwaardere calamiteiten en/of incidenten, waarbij conform de veiligheidsprocedures opgeschaald moest worden en de crisismanager van dienst de centrale coördinatie en aansturing overnam. Deze incidenten betroffen  ernstige verstoringen, uitval (materieel, tractiespanning of infrastructuur), brand of rookontwikkeling, (ernstige) verkeersongevallen of aanrijdingen en (ernstige) agressie jegens personeel of reizigers.

Op 16 januari 2015 viel een oudere heer van het perron van metrostation Oosterflank en overleed. De oorzaak van de val en het overlijden zijn nog in onderzoek door de politie. Op 1 september 2015 werd een buschauffeur onwel en verloor de macht over het stuur, waarna de bus tegen een kantoorgebouw reed.

Bij 34 incidenten of calamiteiten in het vervoersysteem is een intern veiligheidsonderzoek ingesteld. De betreffende rapportages zijn besproken in de Incidentencommissie. Daarnaast zijn 47 veiligheids- of ARBO adviezen verstrekt aan de lijnmanagers. Er zijn 52 interne meldingen van een bijzonder voorval gedaan. 25 daarvan zijn doorgeleid naar de toezichthouder ILT (Inspectie Leefomgeving en Transport).

Op 1 december jl. is de Wet lokaal spoor van kracht geworden. Deze wet geldt voor tram en metro van de RET en regelt hoofdzakelijk de veiligheid van de beide systemen. Een grote inspanning is geleverd zodat de RET tijdig aan de eisen voldeed. Als gevolg hiervan heeft de vervoersautoriteit (MRDH) aan RET als vervoerder het veiligheidscertificaat uitgereikt en is RET als beheerder van de infrastructuur en verkeersleiding aangewezen. Daarnaast is in het kader van het proces tot verkrijging van de concessie veel aandacht geweest voor het voldoen aan de veiligheidseisen uit de Railconcessie 2016-2026.

Bedrijfsvoering

Resultaat 2015

We hebben het jaar 2015 afgesloten met een positief resultaat van € 6,6 miljoen. Dit is boven het begrote resultaat van € 5 miljoen. Ondanks een afname van het aantal dienstregelinguren is er sprake van een groei in aantal instappers en reizigerskilometers. Samen met een afname van het zwartrijderspercentage heeft dit geleid tot een structurele verhoging van de kaartopbrengsten.
De effecten van eerder ingezette verbeteracties uit het bedrijfsplan hebben de operationele kosten verder verlaagd.

In 2014 werd voor de resterende concessieperiode voor Bus een verlies verwacht. Voor dit verwachte verlies is in 2014 een eenmalige last in het resultaat opgenomen. Deze last kwam tot uitdrukking in enerzijds een bijzondere waardevermindering op het rollend materieel tot aan de taxatiewaarde, hiernaast is gedoteerd aan een voorziening voor de omvang van het verlieslatend contract. Het verlies is in 2014 ten laste van het eigen vermogen van RET Bus B.V. zelf gebracht. Het hoge ziekteverzuim in de jaren 2014 en 2015 bij RET Bus B.V. beïnvloedt het resultaat van deze vennootschap negatief. Echter de punctualiteit en de daaraan verbonden boetes hebben zich positief ontwikkeld gedurende 2015. Ook groeit het aantal reizigers bij de Bus sterk, de kaartopbrengsten zijn boven de verwachting uitgekomen. Per saldo heeft dit, samen met de jaarlijkse vrijval cq onttrekking uit de voorziening voor het verlieslatend contract, geleid tot een beperkt positief resultaat voor RET Bus B.V.

De rentebaten en -lasten  waren hoger dan gepland, voornamelijk doordat de saldi van de rekeningen-courant waarop rente werd berekend gemiddeld een hoger saldo kenden. Per saldo heeft dit geleid tot een positief renteresultaat.

Balansontwikkelingen

Eind 2015 zijn de aandelen in Trans Link Systems B.V. (TLS) verkocht aan de Coöperatie Openbaar Vervoerbedrijven U.A. Als gevolg van deze verkoop zijn de financiële vaste activa afgenomen.

Het aantal projecten en de omvang hiervan is verder toegenomen in 2015, voornamelijk door het besluit van onze opdrachtgever om extra onderhoud en renovatie op zowel infrastructuur als voertuigen uit te voeren. Hiernaast zijn investeringen gedaan ter voorbereiding van de exploitatie van de Hoekse Lijn en de frequentieverhoging op de Metrolijn E. Door het tussentijds afrekenen van het uitgevoerde onderhoud op de infrastructuur is de post onderhanden projecten per saldo licht gedaald.

Zowel de vlottende activa als de kortlopende schulden zijn ten opzichte van vorig jaar afgenomen. Per saldo is het werkkapitaal beperkt toegenomen. De dalingen zijn met name te zien bij liquide middelen en kortlopende schulden. Beide posten zijn lager doordat de studentenkaart deze keer pas in 2016 is betaald en niet zoals gebruikelijk in de laatste week van 2015. Hierdoor is er sprake van een negatieve kasstroom uit operationele activiteiten. De solvabiliteit laat een verdere stijging zien.

Vooruitblik 2016

Het jaar zal in het teken staan van de uitvoering van ons nieuwe bedrijfsplan door nog efficiënter te werken en te werken aan het verhogen van de bedrijfsopbrengsten. Daarnaast voeren wij de afspraken uit het Hoofdlijnenakkoord uit. Het voorbereiden van de nieuwe railconcessie 2016-2026 vraagt in 2016 veel capaciteit van de RET.

Het verhogen van de duurzame inzetbaarheid is een van de grootste uitdagingen voor 2016. Er worden geen grote veranderingen in het personeelsbestand verwacht.

Investeringen in 2016 hebben met name betrekking op de verbouwing van de ’s-Gravenweg en het onderhoud van infrastructuur en voertuigen. Hiernaast worden in 2016 nieuwe voertuigen geleverd voor de Hoekse Lijn en frequentieverhoging RandstadRail. Voor de verbouwing van de Kleiweg wordt in 2016 een investeringsbesluit verwacht.
De voertuigen en infrastructuur worden geinvesteerd en gefinancierd in de zustervennootschappen respectievelijk RET Infrastructuur B.V. en RET Railgebonden Voertuigen B.V.

In 2015 zijn gesprekken met gemeente Rotterdam, MRDH en banken gevoerd over de mogelijkheden van externe financiering. In 2016 wordt er door de partijen gewerkt aan het afronden van de financiering van de 22 metrovoertuigen.

De RET is alleen of samen met andere partijen, zoals de MRDH, actief betrokken bij of initiatiefnemer van een aantal onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten. Dat betreft o.a. de capaciteitsvergroting van Metrolijn E algemene capaciteitsvergroting van de bestaande metro, experimenten met hybride bussen en waterstofbussen en nieuwe betaalsystemen als opvolger van de OV- chipkaart.

Binnen de vennootschap zijn verder geen activiteiten op het gebied van onderzoek en ontwikkeling te verwachten in 2016.

Overig

Met ingang van 2016 is de vennootschap belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. In de loop van 2015 is gestart met de voorbereiding op deze belastingplicht, waaruit de impact hiervan in 2016 duidelijk zal worden.

Er zijn geen omstandigheden of bijzondere gebeurtenissen waarmee in de jaarrekening of de toekomstverwachtingen rekening hoeft te worden gehouden.

Personalia directie

P.G. Peters (1951)

Algemeen/statutair directeur

Pedro Peters is sinds 2005 algemeen/statutair directeur van de RET.
Pedro Peters werkte bij verschillende organisaties als directeur, waaronder de Dienst Milieu en Beheer van de gemeente Leiden, de gemeenschappelijke vuilverwerking Leiden Gevulei en het Gemeentelijk Vervoerbedrijf Utrecht. Hij vervult bij diverse organisaties een bestuursfunctie.

Aandachtsgebieden

directiewoordvoering, communicatie, regie & ontwikkeling, programmabureau De Perfecte Reis, personeel & organisatie, risk- en veiligheidsmanagement.

Nevenfuncties

  • Voorzitter Raad van Commissarissen Meerlanden N.V.
  • Lid Raad van Commissarissen Reisinformatiegroep 9292OV
  • Lid Raad van Commissarissen Rotterdamse Mobiliteits Centrale B.V.
  • Lid Raad van Commissarissen Trans Link Systems B.V.
  • Bestuurslid Conny Jansen Danst

J.P.M. Bakker (1961)

Directeur Exploitatie

Joop Bakker werd in 2007 benoemd tot directeur Middelen. In september 2009 werd hij directeur Exploitatie. Sinds 2012 is hij ook directeur van RET Bus B.V.
Voorafgaand aan de RET heeft hij leidinggevende functies gehad bij vervoerbedrijven Connexion en NZH.

Aandachtsgebieden

tram, bus, metro, fast ferry, veiligheid, bedrijfsbureau exploitatie, OV-chipkaart en poortjes, centrale verkeersleiding, marketing, verkoop en services.

Nevenfuncties

  • Lid Raad van Commissarissen Rotterdamse Mobiliteits Centrale B.V.
  • Lid Raad van Toezicht SKO Westfriesland

F.H. Hoevenaars (1966)

Financieel directeur

Frank Hoevenaars is met ingang van 1 oktober 2014 financieel directeur van de RET. Daarvoor  was hij als director projectcontrol de afgelopen vier jaar werkzaam bij het Havenbedrijf Rotterdam en verantwoordelijk voor de financiën, planning en risicomanagement van de aanleg van de Tweede Maasvlakte. Voor het Havenbedrijf Rotterdam vervulde hij diverse financiële managementfuncties bij AVR/van Gansewinkel en KPN en was hij openbaar accountant bij PricewaterhouseCoopers Accountants N.V.

Aandachtsgebieden

concern control, ICT, concern administratie, business & project control, Inkoop & contractmanagement

P.J.A. Lorist (1965)

Directeur Techniek

Paul Lorist is sinds 2011 directeur Techniek en belast met het beheer van de metro- en traminfrastructuur en de RET-vloot. Voordat hij toetrad tot de directie van de RET, deed hij 20 jaar ervaring op met beheer, coördinatie en onderhoud van materieel bij de Koninklijke Landmacht en het Ministerie van Defensie.

Aandachtsgebieden

onderhoud materieel, onderhoud infrastructuur, beheer & ontwikkeling en logistiek

Nevenfuncties

  • Commissielid Overleg Orgaan Employer Support Reservisten

De statutaire directie van de vennootschap bestaat uit één mannelijk persoon en het directieteam bestaat voor 100 procent uit mannen. Bij de RET staan kwaliteit en diversiteit van de directie voorop. In het directieteam is er diversiteit in leeftijdsopbouw en achtergrond.
Bij de invulling van de laatste positie van de directeuren is zorgvuldig gekeken naar het gewenste profiel van de nieuwe directeuren. Hierbij is de gewenste evenwichtige verdeling meegewogen. Ondanks dat op dit moment het directieteam nog voor 100 procent uit mannen bestaat, blijft het streven om aan de doelstellingen van de Wet bestuur & toezicht te voldoen.

Verslag van de Raad van Commissarissen

Aanbieding

Hierbij bieden wij het verslag van de Raad van Commissarissen (RvC) over het jaar 2015 aan. Wij hebben de jaarrekening van RET N.V. over het boekjaar 2015 besproken en goedgekeurd. Wij adviseren de aandeelhouder de jaarrekening 2015, zoals door de directie is opgesteld, vast te stellen en de directie van RET N.V. décharge te verlenen voor het gevoerde bestuur. En wij vragen de aandeelhouder om décharge voor het toezicht door de RvC.

Tevens is de jaarrekening door onze externe accountant Pricewaterhouse Coopers Accountants N.V. (PwC) gecontroleerd en deze heeft hierbij een goedkeurende controleverklaring afgegeven.

Zoals vastgelegd in de aandeelhoudersovereenkomst en nadien aangevuld in het zogeheten Hoofdlijnenakkoord, zal de solvabiliteit van RET N.V. in de komende jaren op basis van de resultaten gefaseerd worden verhoogd. Teneinde hieraan te kunnen voldoen adviseert de RvC, in overeenstemming met afspraken met de aandeelhouder, de winst over 2015 toe te voegen aan het eigen vermogen.

Belangrijke ontwikkelingen in 2015

Naast uiteraard de begroting en de jaarrekening, alsmede de kwartaalrapportages, waren de belangrijkste dossiers die de RvC dit jaar besproken heeft de komende inbesteding van de railconcessie voor de periode 2016-2026, de evaluatie van de busconcessie, de realisatie van het huidige bedrijfsplan en een aantal grote investeringen, dat samenhangt met de vervoergroei bij de RET.

De inbesteding van de nieuwe railconcessie is drie keer uitgebreid in de RvC besproken. Met de statutenwijziging, die nodig is in verband met beslissende zeggenschap door de opdrachtgever over het vervoerbedrijf, heeft de RvC ingestemd. Deze wijziging in de governance van de RET treedt in werking op het moment dat de nieuwe railconcessie ingaat (december 2016). Daarnaast heeft de RvC het toekomstige financiële model en meer in het bijzonder het risicoprofiel van de uit te brengen meerjarige bieding besproken. Ook de biedingstrategie is daarbij aan de orde geweest. De directie van de RET heeft mandaat gekregen voor de besprekingen met de Metropoolregio over de hoofdlijnen van een meerjarige financiële afspraak. Met het in december bereikte resultaat is de RvC heel tevreden.

Op verzoek van de RvC heeft een nader onderzoek plaatsgevonden naar de verschillen tussen de oorspronkelijk uitgebrachte bieding voor de busconcessie en de feitelijke realisatie daarvan. Daarvoor blijkt niet één oorzaak aan te wijzen te zijn. Verheugend is om te zien dat de operationele resultaten van de Bus B.V. in 2015 aanzienlijk zijn verbeterd, vooral omdat de inkomsten zijn gestegen en de boetes zijn teruggebracht.

Over de resultaten van het lopende bedrijfsplan heeft de RvC zich door de directie laten infomeren. De effecten, in de vorm van lagere kosten, maar ook hogere reizigersinkomsten en een hogere klantwaardering zijn duidelijk merkbaar. Ook de medewerkertevredenheid is significant gestegen. Dit is ook aan de orde geweest bij de bespreking van het medewerkerstevredenheidsonderzoek over 2015. Op een onderdeel daarvan, het ziekteverzuim bij de RET, blijft de RvC ‘de vinger aan de pols houden’. De verzuimcijfers dalen wel, maar in de ogen van de RvC leveren de inspanningen nog niet voldoende resultaat op.

Het afgelopen boekjaar heeft de RvC enkele grote investeringsvoorstellen goedgekeurd, die een direct gevolg zijn van de vervoergroei bij de RET. Dat betrof ondermeer de verbouwing van de remise ’s-Gravenweg, die aangepast moet worden in verband met de komst van 16 extra metro’s die op de Hoekse lijn zullen worden ingezet. Een tweede grote investering betrof de aanschaf van 6 extra metro’s voor de frequentieverhoging van RandstadRail.

Andere onderwerpen die in de RvC aan de orde zijn geweest, betreffen onder andere voorgenomen wijzigingen in de governance van Trans Link Systems (TLS), waarbij de RvC heeft ingestemd met de verkoop van de aandelen, die de RET nu heeft, aan de nieuwe coöperatie waarin alle OV-bedrijven zullen participeren. Ook over de toekomstige financieringsbehoefte van RET en haar zustermaatschappijen en de mogelijkheden om bij de Europese Investeringsbank tegen gunstige voorwaarden kapitaal aan te trekken, heeft de RvC zich laten informeren. Tevens is in de RvC de jaarlijkse strategische risicoanalyse besproken.

Met betrekking tot de accountant van de RET heeft – na een Europese Aanbestedingsprocedure – de RvC besloten om aan de aandeelhouder voor te stellen het contract met PricewaterhouseCoopers Accountants (PwC) voor de periode van 2 jaar met een optie voor 2 jaar (2015-2018) te verlengen. Met dit voorstel heeft de aandeelhouder inmiddels ingestemd.

De RvC wil graag zijn waardering uitspreken voor de inzet van het RET-personeel, dat zich het afgelopen jaar enorm heeft ingespannen om de dienstverlening aan de reizigers verder te verbeteren. Zoals blijkt uit de OV-klantenbarometer en de Aardig Onderweg Index, krijgen alle bedrijfsonderdelen daarvoor jaarlijks steeds hogere rapportcijfers.

Ten slotte spreekt de RvC zijn waardering en dank uit aan de directie voor haar functioneren en haar bijdrage aan het resultaat van de onderneming.

Corporate Governance Structuur

De directie en de RvC voelen zich gezamenlijk verantwoordelijk voor de naleving van de Nederlandse Corporate Governance Code (Code). De RvC past de Code zoveel mogelijk toe en rapporteert samen met de directie over de naleving van de Code aan de aandeelhouder.

De RvC houdt conform de Code toezicht op het beleid van de directie en opereert onafhankelijk van de bestuurder en de aandeelhouder. In het verslagjaar hebben geen relevante wijzigingen plaatsgevonden in de corporate governance-structuur.

Eind 2015 is de samenstelling van de RvC veranderd. Als gevolg daarvan heeft de jaarlijkse evaluatie van het eigen functioneren nog niet plaatsgevonden. Dit zal begin 2016 gebeuren. Dit neemt niet weg dat de RvC meent goed in staat te zijn geweest op kritische wijze haar toezichthoudende verantwoordelijkheid waar te maken. De RvC is van mening dat de informatievoorziening vanuit de directie adequaat is, en dat zij – dankzij een goed functionerende auditcommissie en de uitgebreide kwartaalrapportages – goed in staat is geweest het gevoerde beleid kritisch te kunnen volgen.

Tot tevredenheid stemt eveneens dat de twee vacatures die in 2015 zijn ontstaan, die van de voorzitter en die van financieel expert, tijdig en adequaat konden worden ingevuld.

Samenstelling Raad van Commissarissen

De samenstelling van de RvC is in 2015 veranderd. In oktober 2015 is afscheid genomen van de heer P. Smits, die sinds de verzelfstandiging van RET NV in 2007 voorzitter van de RvC is geweest en de heer H. Keuzenkamp, die niet alleen sinds de verzelfstandiging deel heeft uitgemaakt van de Raad, maar ook in zitting heeft gehad in de voorloper daarvan (Holding RET NV) waarin de commerciële activiteiten van de toenmalige Tak van Dienst RET waren ondergebracht.

Omdat de RvC begin 2015 uitsluitend uit mannen bestond, is voor de vacatures nadrukkelijk gezocht naar geschikte vrouwelijke kandidaten. Met behulp van een extern bureau is het gelukt aan de aandeelhouder twee vrouwen voor te dragen; als voorzitter mevrouw Tineke Bahlmann en als financieel expert mevrouw Mirjam Nouwen. Beide voordrachten zijn door de Algemene Vergadering van RET overgenomen.

Op voordracht van de RvC heeft de Algemene Vergadering van RET tevens de heer Van der Chijs voor de volle, tweede periode herbenoemd (tot februari 2019).

De RvC van RET NV bestaat eind 2015 voor 2/5 deel uit vrouwen. Alle leden hebben de Nederlandse nationaliteit. Voor mogelijke toekomstige vacatures blijft het streven om een  evenwichtige samenstelling van de RvC te handhaven, qua leeftijd, kennis/kwaliteiten en geslacht.

De leden van de RvC worden benoemd voor een termijn van vier jaar en kunnen daarna worden herbenoemd. Zij kunnen maximaal 12 jaar aanblijven vanaf de datum van hun eerste benoeming. Kandidaten die worden voorgedragen voor benoeming of herbenoeming dienen te voldoen aan de criteria zoals opgenomen in de profielschets. De profielschets is beschikbaar op de website

Mevr. Drs. M.J. Nouwen, 1958

vice-voorzitter na 1 oktober 2015
Commissaris sinds:
1 oktober 2015
Huidige zittingstermijn:
2015-2019

Nevenfuncties (professioneel)

  • Vicevoorzitter Raad van Toezicht AvroTros en voorzitter audit committee
  • Lid Raad van Commissarissen AEB Amsterdam en voorzitter audit committee
  • Voorzitter Raad van Toezicht Nederlands Hypotheken Fonds (NHF)
  • Voorzitter Raad van Commissarissen Moonen Packaging Group B.V.
  • Lid Raad van Commissarissen Deerns Groep B.V.

Nevenfuncties (maatschappelijk)

  • Voorzitter Bestuur J.C. Ruigrok Stichting
  • Lid Bestuur Stichting Derdengelden YourGift Cards

Mevr. Prof. Dr. J.P. Bahlmann, 1950

voorzitter na oktober 2015
Commissaris sinds:
1 oktober 2015
Huidige zittingstermijn:
2015-2019

Nevenfuncties (professioneel)

  • Voorzitter Raad van Commissarissen Maasstadziekenhuis
  • Lid Raad van Commissarissen Stedin N.V.
  • Lid Raad van Advies en Auditcommissie Sociale Verzekerings Bank
  • Lid Raad van Bestuur Stichting Preferente aandelen Nedap BV

Nevenfuncties (maatschappelijk)

  • Voorzitter Bestuur Max Havelaar
  • Voorzitter Centrum Beeldende Kunst Rotterdam
  • Lid Raad van Toezicht Toneelgroep Amsterdam
  • Lid Raad van Toezicht NAGA Foundation Amsterdam

Ir. P. Smits, 1946

Voorzitter tot 20 oktober 2015
Commissaris sinds:
21 februari 2007 tot en met 20 oktober 2015
Huidige zittingstermijn:
2011-2015

Nevenfuncties (professioneel)

  • Lid Raad van Commissarissen Byelex B.V.
  • Voorzitter Raad van Commissarissen Deerns N.V.
  • Lid Raad van Commissarissen De Oude Stad B.V.

Nevenfuncties (maatschappelijk)

  • Voorzitter Bestuur Stichting het Kunkels Orgel

Mr. V. van der Chijs, 1960

Commissaris sinds:
1 februari 2011
Huidige zittingstermijn:
2015-2019

Hoofdfunctie

Voorzitter College van Bestuur van de TU Twente

Nevenfuncties

  • Lid Raad van Commissarissen Deerns NV
  • Lid Bestuur European Consortium of Innovative Universities
  • Lid Algemeen Bestuur VSNU
  • Lid Stuurgroep Strategie en innovatie
  • Lid Dagelijks Bestuur 3TU.Federatie
  • Lid Dagelijks Bestuur Twente Board
  • Voorzitter Raad van Toezicht Kennisland
  • Lid Raad van Advies Van Berlo Industries
  • Lid Raad van Toezicht van de Stichting Nederlands Fonds voor de Film

Ir. L.H. Keijts, 1952

Commissaris sinds:
1 februari 2011
Huidige zittingstermijn:
2015-2019

Hoofdfunctie

Voorzitter Raad van Bestuur van Portaal

Nevenfuncties

  • Bestuurslid Aedes
  • Lid Bestuur Stichting Aandelen Kantoor – Ballast Nedam
  • Lid Bestuur de Brede Stroomversnelling
  • Lid Bestuur Bewuste Bouwers
  • Lid Adviesraad TNO Leefomgeving

Prof. dr. H.A. Keuzenkamp, 1961

vice-voorzitter tot 1 oktober 2015
Commissaris sinds:
1 oktober 2003 tot 1 oktober 2015
Huidige zittingstermijn:
2011-2015

Hoofdfunctie

Lid Raad van Bestuur Westfriesgasthuis

Nevenfuncties

  • Lid Adviescommissie Zorginstituut Nederland
  • Hoogleraar Universiteit van Amsterdam
  • Lid Raad van Advies DBC Onderhoud
  • Lid Raad van Advies SEO

 

K. Voormeulen, 1949

Commissaris sinds:
1 mei 2013
Huidige zittingstermijn:
2013-2017

Hoofdfunctie

Directeur/Eigenaar CMM B.V.

Nevenfuncties

  • Lid raad van commissarissen GDF/Suez Electrabel

 

Vergaderingen en overige bijeenkomsten

De Raad van Commissarissen is in 2014 vijf keer voor een reguliere vergadering bijeen gekomen.

Auditcommissie

De auditcommissie heeft als taak de RvC bij te staan in zijn controlerende taak en toezichthoudende rol. De auditcommissie adviseert de RvC over de selectie van de interne en externe accountants. Daarnaast heeft de commissie een toezichthoudende rol inzake de integriteit van de interne en externe financiële rapportages van de vennootschap, de financiering, het beheersen van bedrijfsrisico’s, het planning- en controlesysteem en de toepassing van informatie- en communicatietechnologie.

De auditcommissie adviseert de RvC over deze onderwerpen en bespreekt de naleving van de Code. Het reglement van de auditcommissie voldoet aan de vereisten die de Code daaraan stelt en is beschikbaar op de website www.ret.nl.

De auditcommissie heeft, mede ter voorbereiding van de kwartaalrapportages, begroting en jaarrekening in de RvC, vijf keer vergaderd. De commissie bestond bij de start van het boekjaar uit de heren Keuzenkamp, voorzitter, en Van der Chijs. Vanaf oktober heeft de nieuw benoemde commissaris mevrouw M. Nouwen het voorzitterschap overgenomen.

In het verslagjaar heeft op aanbeveling van de accountant tijdens de interim controle een hardclose op een aantal specifieke dossiers en posten plaatsgevonden.

Risicobeheersings- en controlesystemen

De auditcommissie vergadert met de financieel directeur en de concern controller over de kwartaalrapportages en de werking van het interne risicobeheersings- en controlesysteem. Bij de vergaderingen is ook de externe accountant aanwezig. Eenmaal per jaar voegt de internal auditor zich bij de vergadering. Ook zijn de management letter en het accountantsverslag van de externe accountant besproken. De inbesteding van de nieuwe railconcessie en meer in het bijzonder het risicoprofiel van de uit te brengen meerjarenbieding is uitvoerig in de auditcommissie besproken. Naar aanleiding van de verbeteringen in de project-beheersing, het verder implementeren van de Prince2 methodiek op de projecten en de bevindingen van de externe accountant, kan de RvC concluderen dat het interne risicobeheersings- en controlesysteem van de RET op een goed niveau functioneert.

Beloningsbeleid

De statutair directeur wordt beloond met een vaste en een variabele beloning. De variabele beloning bedraagt maximaal 15 procent van het vaste salaris en is gebaseerd op een aantal prestatiecriteria. De prestatiecriteria en de uiteindelijke hoogte van de variabele beloning worden voor het boekjaar besproken en goedgekeurd door de RvC en vervolgens vastgesteld door de aandeelhouder. De prestatiecriteria die voor 2015 zijn vastgesteld hebben onder andere een relatie met de strategische lange termijn doelstellingen van RET. De directie heeft een regulier arbeidscontract en valt daarmee onder de reguliere cao wat betreft de ontslagvergoeding en andere regelingen.

Zelfevaluatie Raad van Commissarissen

In verband met de (sterk) gewijzigde samenstelling van de RvC moet de jaarlijkse zelfevaluatie nog plaatsvinden.

Afzonderlijk heeft dit jaar een kennismakingsgesprek plaatsgevonden tussen de nieuwe voorzitter van de RvC en de wethouder Deelnemingen van de gemeente Rotterdam, de heer A. Visser. Afgesproken is dat jaarlijks de voorzitter van de RvC met de aandeelhouder zal praten over de gang van zaken bij het bedrijf en mogelijke toekomstige ontwikkelingen, alsmede de prioriteiten van de aandeelhouder met betrekking tot RET.

Overleg met de externe accountant

De RvC heeft met de directie en de accountant de jaarrekening, het jaarverslag en het accountantsrapport besproken.

De auditcommissie en de RvC hebben in 2015 niet buiten aanwezigheid van de directie met de accountant gesproken. Er is hiervoor geen aanleiding geweest, maar dit behoort indien gewenst wel tot de mogelijkheden.

De onafhankelijkheid van de accountant is in 2015 door de RvC beoordeeld. Daarbij is geconcludeerd dat er geen sprake is van bedreigingen van de onafhankelijkheid. De RvC is van mening dat de externe accountant de RvC de relevante informatie heeft verstrekt om zijn toezichthoudende taak te kunnen uitoefenen. De accountant heeft geen onregelmatigheden in de verslaggeving gerapporteerd.

Personeel en contacten met de Ondernemingsraad

De directie voert maandelijks overleg met de Ondernemingsraad. De RvC stelt het ook op prijs dat één of meer leden van de RvC de zogeheten ‘Halfjaarlijkse overlegvergadering’ van de directie met de Ondernemingsraad kunnen bijwonen. Twee keer dit jaar vond zo’n overleg plaats, waarbij telkens een of meer leden van de RvC aanwezig waren.

Bijzondere aangelegenheden

Specifieke goedkeuringsbesluiten

In het verslagjaar hebben zich geen bijzondere aangelegenheden voorgedaan, waarvoor krachtens de wet, statuten of de Code de goedkeuring van de RvC is voorgeschreven.

Tegenstrijdige belangen

Er hebben zich in 2015 geen transacties voorgedaan waarbij tegenstrijdige belangen van statutair directeur, commissarissen, aandeelhouder en/of externe accountant speelden of spelen die van materiële betekenis zijn voor de vennootschap en/of de statutair directeur, commissarissen, aandeelhouder en/of externe accountant.

Rotterdam, 12 april 2016

Raad van Commissarissen
Prof. Dr. J.P. Bahlmann, voorzitter
Drs. M.J. Nouwen, vice-voorzitter
Ir. L.H. Keijts
Mr. V. van der Chijs
K. Voormeulen

Jaarrekening

Geconsolideerde winst en verliesrekening over 2015

x €1.00020152014
Resultaat na belastingen6.6319.788
Netto-omzet454.783469.620
Overige bedrijfsopbrengsten16.69311.259
Som der bedrijfsopbrengsten471.476480.879
Kosten van grond- en hulpstoffen11.8478.578
Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten185.340174.365
Personeelskosten170.926162.002
Afschrijvingen op materiële vaste activa7.8079.661
Overige bedrijfskosten93.299120.577
Som der bedrijfslasten469.219475.183
Bedrijfsresultaat2.2575.696
Rentebaten en -lasten4.2833.464
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor belastingen6.5409.160
Belastingen resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening00
Aandeel in winst/verlies van ondernemingen waarin wordt deelgenomen91628

Geconsolideerd kasstroomoverzicht over 2015

x €1.00020152014
Stand per 31 december38.93558.111
Bedrijfsresultaat2.2575.696
Aanpassingen voor:
- afschrijvingen6.3857.104
- bijzondere waardevermindering activa1.4222.557
- toename / afname voorzieningen-13.8775.080
- aflossingen langlopende leningen
Veranderingen in werkkapitaal:
- toename / afname voorraden3911.301
- toename / afname onderhanden projecten5.808-63.121
- toename / afname vorderingen6.79436.166
- toename / afname kortlopende schulden-23.83211.929
Verandering werkkapitaal (excl. liquide middelen)-10.839-13.725
Ontvangen rente271444
Betaalde rente-584-958
Kassstroom uit operationele activiteiten-14.9656.198
Investeringen materiële vaste activa-4.265-4.320
Desinvesteringen materiële vaste activa51.120
Kasstroom uit investeringsactiviteiten-4.260-3.200
Dividenduitkering/terugbetaling kapitaal deelnemingen3.2501.300
aflossingen langlopende leningen-3.082-450
Kasstroom uit financieringsactiviteiten49850
Toename/ (afname) liquide middelen-19.1763.848
Het verloop van de liquide middelen is als volgt:
Stand per 1 januari58.11154.263
Mutatie boekjaar-19.1763.848

Toelichting op de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening

Algemene toelichting

Activiteiten

De activiteiten van RET N.V., statutair gevestigd te Rotterdam, Laan op Zuid 2 en haar groepsmaatschappijen bestaan voornamelijk uit het verzorgen van het openbaar vervoer per tram, bus, metro en ferry in de regio Rotterdam. Tevens voert zij, in opdracht van Metropoolregio Rotterdam Den Haag, projecten uit voor de aanleg van en het onderhoud aan de infrastructuur voor het openbaar vervoer per bus, tram, metro en ferry en het waarborgen van de sociale veiligheid in het openbaar vervoer. Deze activiteiten zijn sinds 1 januari 2007 ingebracht vanuit de voormalige RET tak van dienst van de gemeente Rotterdam.

Vestigingsadres

RET N.V. is feitelijk gevestigd aan het adres Laan op Zuid 2, 3071 AA te Rotterdam.

Groepsverhoudingen

RET N.V. te Rotterdam staat aan het hoofd van een groep rechtspersonen. De aandeelhouder van RET N.V. is de gemeente Rotterdam (100 procent).

Schattingen

Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat de directie van RET N.V. zich over verschillende zaken een oordeel vormt, en dat de directie schattingen maakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Indien het voor het geven van het in artikel 2:362 lid 1 BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van deze oordelen en schattingen inclusief de bijbehorende veronderstellingen opgenomen bij de toelichting op de betreffende jaarrekeningposten.

Consolidatie

In de consolidatie worden de financiële gegevens opgenomen van RET N.V. samen met haar groepsmaatschappijen. Groepsmaatschappijen zijn rechtspersonen waarin RET N.V. direct of indirect overheersende zeggenschap kan uitoefenen doordat zij beschikt over de meerderheid van de stemrechten of op enige andere wijze de financiële en operationele activiteiten kan beheersen. Hierbij wordt tevens rekening gehouden met potentiële stemrechten die direct kunnen worden uitgeoefend op balansdatum.

De groepsmaatschappijen worden voor 100 procent in de consolidatie betrokken. Deelnemingen waarop geen overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend (geassocieerde deelnemingen) worden niet betrokken in de consolidatie.

Intercompany-transacties, intercompany-winsten en onderlinge vorderingen en schulden tussen groepsmaatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen worden geëlimineerd, voor zover de resultaten niet door transacties met derden buiten de Groep zijn gerealiseerd. Ongerealiseerde verliezen op intercompany-transacties worden ook geëlimineerd tenzij er sprake is van een bijzondere waardevermindering. Waarderingsgrondslagen van groepsmaatschappijen en andere in de consolidatie opgenomen rechtspersonen zijn waar nodig gewijzigd om aansluiting te krijgen bij de geldende waarderingsgrondslagen voor de Groep.

De in de consolidatie begrepen vennootschappen zijn:

NaamStatutaire zetelAandeel in het kapitaal
RET Materieel B.V.Rotterdam100 procent
RET Services B.V.Rotterdam100 procent
RET Bus B.V.Rotterdam100 procent

Toepassing van artikel 2:402 BW

Aangezien de winst- en verliesrekening over 2015 van RET N.V. in de geconsolideerde jaarrekening is verwerkt, is in de enkelvoudige jaarrekening volstaan met weergave van een beknopte winst- en verliesrekening in overeenstemming met artikel 2:402 BW.

Verbonden partijen

Als verbonden partij worden alle rechtspersonen aangemerkt waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Ook rechtspersonen die overwegende zeggenschap kunnen uitoefenen worden aangemerkt als verbonden partij. Ook de statutaire directieleden, andere sleutelfunctionarissen in het management van RET N.V. en nauwe verwanten zijn verbonden partijen.
Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van het inzicht. De verbonden partijen zijn opgenomen in de groepsstructuur zoals opgenomen in het directieverslag.

Acquisities en desinvesteringen van groepsmaatschappijen

Vanaf de overnamedatum worden de resultaten en de identificeerbare activa en passiva van de overgenomen vennootschap opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening. De overnamedatum is het moment dat overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend op de desbetreffende vennootschap.

De verkrijgingsprijs bestaat uit het geldbedrag of het equivalent hiervan dat is overeengekomen voor de verkrijging van de overgenomen onderneming vermeerderd met eventuele direct toerekenbare kosten. Indien de verkrijgingsprijs hoger is dan het nettobedrag van de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva wordt het meerdere als goodwill geactiveerd onder de immateriële vaste activa. Indien de verkrijgingsprijs lager is dan het nettobedrag van de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva, dan wordt het verschil (negatieve goodwill) als overlopende passiefpost opgenomen.

De maatschappijen die in de consolidatie betrokken zijn, blijven in de consolidatie opgenomen tot het moment dat zij worden verkocht; deconsolidatie vindt plaats op het moment dat de beslissende zeggenschap wordt overgedragen.

Toelichting op het kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht wordt opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen. Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van rente en ontvangen dividenden zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. Onder de (des)investeringen in materiële vaste activa zijn alleen opgenomen de investeringen waarvoor geldmiddelen zijn ontvangen of opgeofferd. Betaalde dividenden of terugbetaling van kapitaal door deelnemingen zijn opgenomen onder de kasstroom uit financieringsactiviteiten. Transacties waarbij geen instroom of uitstroom van kasmiddelen plaatsvindt, zijn niet in het kasstroomoverzicht opgenomen.

Algemene grondslagen

Algemeen

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving, die uitgegeven zijn door de Raad voor de Jaarverslaggeving.

Activa en verplichtingen worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs of de actuele waarde. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs. In de balans, de winst- en verliesrekening en het kasstroomoverzicht zijn referenties opgenomen. Met deze referenties wordt verwezen naar de toelichting.

Vergelijking met voorgaand jaar

De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd ten opzichte van het voorgaande jaar.

Functionele valuta

De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld in euro’s. Dit is zowel de functionele als de presentatievaluta van RET N.V.

Vreemde valuta

Transacties in vreemde valuta gedurende de verslagperiode zijn in de jaarrekening verwerkt tegen de koers op transactiedatum. Monetaire activa en passiva in vreemde valuta worden omgerekend in de functionele valuta tegen de koers per balansdatum. De uit de afwikkeling en omrekening voortvloeiende koersverschillen komen ten gunste of ten laste van de winst-en-verliesrekening. Er wordt geen hedge-accounting toegepast.

Leasing

Bij de vennootschap bestaan leasecontracten waarbij een groot deel van de voor- en nadelen die aan het eigendom verbonden zijn, niet bij de vennootschap ligt. Deze leasecontracten worden verantwoord als operationele leasing. Verplichtingen uit hoofde van operationele leasing worden, rekening houdend met ontvangen vergoedingen van de lessor, op lineaire basis verwerkt in de winst- en verliesrekening over de looptijd van het contract.

Grondslagen voor de waardering van activa en passiva

Materiële vaste activa

Bedrijfsgebouwen en terreinen worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs plus bijkomende kosten of vervaardigingsprijs onder aftrek van lineaire afschrijvingen gedurende de verwachte toekomstige gebruiksduur. Op terreinen wordt niet afgeschreven. Er wordt rekening gehouden met de bijzondere waardeverminderingen die op balansdatum worden verwacht. Voor de vaststelling of voor een materieel vast actief sprake is van een bijzondere waardevermindering wordt verwezen naar betreffende paragraaf.

Overige vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs inclusief direct toerekenbare kosten, onder aftrek van lineaire afschrijvingen gedurende de verwachte toekomstige gebruiksduur en bijzondere waardeverminderingen.

Subsidies op investeringen worden in mindering gebracht op de verkrijgings- of vervaardigingsprijs van de activa waarop de subsidies betrekking hebben.

De kosten van onderhoud worden, indien dit levensduurverlengend van aard is, geactiveerd. Overige kosten van onderhoud worden rechtstreeks in de winst- en verliesrekening opgenomen.

Financiële vaste activa

Deelnemingen waarin invloed van betekenis kan worden uitgeoefend worden gewaardeerd volgens de vermogensmutatiemethode (nettovermogenswaarde). Wanneer 20 procent of meer van de stemrechten uitgebracht kan worden, wordt ervan uitgegaan dat er invloed van betekenis is. De nettovermogenswaarde wordt berekend volgens de grondslagen die gelden voor deze jaarrekening. Voor deelnemingen waarvan onvoldoende gegevens beschikbaar zijn voor aanpassing aan deze grondslagen, wordt uitgegaan van de waarderingsgrondslagen van de desbetreffende deelneming.

Indien de waardering van een deelneming volgens de nettovermogenswaarde negatief is, wordt deze op nihil gewaardeerd. Indien en voor zover RET N.V. in deze situatie geheel of gedeeltelijk instaat voor de schulden van de deelneming, dan wel het stellige voornemen heeft de deelneming tot betaling van haar schulden in staat te stellen, wordt hiervoor een voorziening getroffen.

De eerste waardering van gekochte deelnemingen is gebaseerd op de reële waarde van de identificeerbare activa en passiva op het moment van acquisitie. Voor de vervolgwaardering worden de grondslagen toegepast die gelden voor deze jaarrekening, uitgaande van de waarden bij eerste waardering. Als resultaat wordt verantwoord het bedrag waarmee de boekwaarde van de deelneming sinds de voorafgaande jaarrekening is gewijzigd als gevolg van het door de deelneming behaalde resultaat.

Deelnemingen waarop geen invloed van betekenis kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Als resultaat wordt in aanmerking genomen het in het verslagjaar gedeclareerde dividend van de deelneming, waarbij niet in contanten uitgekeerde dividenden worden gewaardeerd tegen reële waarde.

Indien sprake is van een bijzondere waardevermindering vindt waardering plaats tegen de realiseerbare waarde (zie verder de paragraaf “Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa”); afwaardering vindt plaats ten laste van de winst-en-verliesrekening.

De onder financiële vaste activa opgenomen overige vorderingen omvatten verstrekte leningen en overige vorderingen die tot het einde van de looptijd zullen worden aangehouden. Deze vorderingen worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde. Vervolgens worden deze leningen gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Indien er bij de verstrekking van leningen sprake is van disagio of agio, wordt dit gedurende de looptijd ten gunste respectievelijk ten laste van het resultaat gebracht als onderdeel van de effectieve rente. Ook transactiekosten worden verwerkt in de eerste waardering en als onderdeel van de effectieve rente ten laste van het resultaat gebracht.

Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa

De vennootschap beoordeelt op iedere balansdatum of er aanwijzingen zijn dat een vast actief aan een bijzondere waardevermindering onderhevig kan zijn. Indien dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief vastgesteld. Indien het niet mogelijk is de realiseerbare waarde voor het individuele actief te bepalen, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroomgenererende eenheid waartoe het actief behoort. Van een bijzondere waardevermindering is sprake als de boekwaarde van een actief hoger is dan de realiseerbare waarde; de realiseerbare waarde is de hoogste van de opbrengstwaarde en de bedrijfswaarde.

De opbrengstwaarde wordt bepaald met behulp van de actieve markt. Voor de bepaling van de bedrijfswaarde wordt bij het contant maken van de kasstromen een disconteringsvoet gehanteerd. Een bijzonder waardeverminderingsverlies wordt direct als een last verwerkt in de winst- en verliesrekening.
Indien wordt vastgesteld dat een bijzondere waardevermindering die in het verleden verantwoord is, niet meer bestaat of is afgenomen, dan wordt de toegenomen boekwaarde van de desbetreffende activa niet hoger gesteld dan de boekwaarde die bepaald zou zijn indien geen bijzondere waardevermindering voor het actief zou zijn verantwoord.

Bij financiële activa die gewaardeerd zijn tegen geamortiseerde kostprijs wordt de omvang van de bijzondere waardevermindering bepaald als het verschil tussen de boekwaarde van het actief en de best mogelijke schatting van de toekomstige kasstromen, contant gemaakt tegen de effectieve rentevoet van het financiële actief zoals die is bepaald bij de eerste verwerking van het instrument. Het waardeverminderingsverlies dat daarvoor opgenomen was, dient te worden teruggenomen indien de afname van de waardevermindering verband houdt met een objectieve gebeurtenis na afboeking. De terugname wordt beperkt tot maximaal het bedrag dat nodig is om het actief te waarderen op de geamortiseerde kostprijs op het moment van de terugname, als geen sprake geweest zou zijn van een bijzondere waardevermindering. Het teruggenomen verlies wordt in de winst-en-verliesrekening verwerkt.

Voorraden

De voorraden grond- en hulpstoffen worden gewaardeerd tegen kostprijs op verkrijgingsprijzen onder toepassing van de gemiddelde inkoopprijs of lagere opbrengstwaarde.

De kostprijs bestaat uit de verkrijgings- of vervaardigingsprijs (alle kosten die samenhangen met de verkrijging of vervaardiging) en gemaakte kosten om de voorraden op hun huidige plaats en in hun huidige staat te brengen. In de kosten van vervaardiging zijn begrepen directe loonkosten en toeslagen voor aan de productie gerelateerde indirecte vaste en variabele kosten, waaronder de kosten van het bedrijfsbureau, de onderhoudsafdeling en interne logistiek.

De gemiddelde inkoopprijs wordt aangepast bij iedere inkoop met een afwijkende prijs. De opbrengstwaarde is de geschatte verkoopprijs onder aftrek van direct toerekenbare verkoopkosten. De opbrengstwaarde is de geschatte verkoopprijs onder aftrek van direct toerekenbare verkoopkosten. Bij de bepaling van de opbrengstwaarde wordt rekening gehouden met de incourantheid van de voorraden. Op de voorraden is een voorziening voor incourante voorraden in mindering gebracht. De voorziening incourante voorraden is gevormd op basis van de omloopsnelheid van voorraden.

Onderhanden projecten

De onderhanden projecten in opdracht van derden worden gewaardeerd tegen vervaardigingsprijs, vermeerderd met de aan het uitgevoerde werk toe te rekenen kosten voor Voorbereiding, Administratie en Toezicht (VAT) en rentekosten en verminderd met de op balansdatum reeds voorzienbare verliezen. De vervaardigingsprijs omvat het directe materiaalverbruik, de directe loon- en machinekosten en de overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend, een opslag voor indirecte fabricagekosten en bouwrente. De op de onderhanden projecten betrekking hebbende gedeclareerde termijnen worden in mindering gebracht op de onderhanden projecten en gesaldeerd met het onderhanden werk opgenomen op de balans.

Onderhanden projecten in opdracht van Metropoolregio Rotterdam Den Haag betreffen met name aanleg en levensverlengend onderhoud van infrastructuur ten behoeve van RET Infrastructuur B.V. en de aanschaf en levensverlengend onderhoud van railgebonden voertuigen ten behoeve van RET Railgebonden Voertuigen B.V. Het saldo onderhanden projecten zijn de in opdracht van Metropoolregio Rotterdam Den Haag in uitvoering zijnde werken en opdrachten tot constructie van een actief, waarvan op balansdatum nog geen oplevering heeft plaatsgevonden. Activering van projecten geschiedt tegen de werkelijke bouwkosten en een opslagpercentage voor voorbereiding, administratie en toezicht. Op het laatste deel wordt op portfolioniveau resultaat verantwoord.

Onderhanden projecten voor ‘eigen rekening’ worden verantwoord als materiële vaste activa in uitvoering. Indien het saldo van het project negatief is, wordt dit project gepresenteerd onder de kortlopende schulden (vooruit gefactureerde bedragen op onderhanden projecten).

Omzet en kosten worden in het resultaat tot uitdrukking gebracht op basis van ’percentage of completion’.

Vorderingen

Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie. Handelsvorderingen worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Als de ontvangst van de vordering is uitgesteld op grond van een verlengde overeengekomen betalingstermijn wordt de reële waarde bepaald aan de hand van de contante waarde van de verwachte ontvangsten en worden er op basis van de effectieve rente rente-inkomsten ten gunste van de winst-en-verliesrekening gebracht. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering.

Liquide middelen

Liquide middelen bestaan uit kas en banktegoeden en worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Voorzieningen algemeen

Voorzieningen worden gevormd voor in rechte afdwingbare of feitelijke verplichtingen die op de balansdatum bestaan, waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is en waarvan de omvang op betrouwbare wijze is te schatten. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen.

De omvang van de personeelsvoorzieningen is voor de langdurige voorzieningen actuarieel berekend op basis van RJ 271. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de contante waarde van de verplichtingen.

De overige voorzieningen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de verplichtingen af te wikkelen, tenzij anders vermeld. Wanneer de verwachting is dat een derde de verplichtingen vergoedt, en wanneer het waarschijnlijk is dat deze vergoeding zal worden ontvangen bij de afwikkeling van de verplichting, dan wordt deze vergoeding als een actief in de balans opgenomen.

Voorzieningen voor personeelsbeloningen

RET N.V. en RET Bus B.V. zijn voor hun pensioenregeling aangesloten bij respectievelijk het bedrijfstakpensioenfonds ABP (Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds) en SPOV (Stichting Pensioenfonds Openbaar Vervoer). Deze pensioenregelingen hebben het karakter van een middelloonregeling, waarbij sprake is van voorwaardelijke indexatie. RET N.V. en RET Bus B.V. hebben geen verplichting tot het voldoen van tekorten die bij het ABP en SPOV zouden ontstaan anders dan middels verschuldigde premiebijdragen. De bijdragen worden als kostenpost opgenomen wanneer deze verschuldigd zijn. De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn. Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen.

De dekkingsgraad van het ABP per 31 december 2015 bedraagt 97,2 procent en de dekkingsgraad van SPOV per 31 december 2015 is 103,2 procent.

Voorts zijn er personeelsregelingen waarvoor additionele verplichtingen bestaan naast het voldoen van verschuldigde premiebijdragen. Hiervoor zijn voorzieningen getroffen op basis van RJ 271. Hierbij is rekening gehouden met sterftekansen en/of ingeschatte kansen dat betrokken personeel aan de geboden personele regelingen zal deelnemen. De verplichtingen zijn contant gemaakt op basis van een disconteringsfactor.

De voorziening jubilea wordt opgenomen tegen de contante waarde van de verwachte uitkeringen gedurende het dienstverband. Bij de berekening van de voorziening wordt onder meer rekening gehouden met verwachte salarisstijgingen en de blijfkans. Bij het contant maken wordt een disconteringsvoet gehanteerd.

De voorziening vanwege loondoorbetaling bij ziekte wordt gevormd voor op balansdatum bestaande verplichtingen tot het in de toekomst doorbetalen van beloningen aan personeelsleden die op balansdatum naar verwachting blijvend of geheel niet in staat zijn om werkzaamheden te verrichten door ziekte of arbeidsongeschiktheid.

Schulden

Schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de schulden worden in de waardering bij eerste verwerking opgenomen. Schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, zijnde het ontvangen bedrag rekening houdend met agio of disagio en onder aftrek van transactiekosten.

Het verschil tussen de bepaalde boekwaarde en de uiteindelijke aflossingswaarde wordt op basis van de effectieve rente gedurende de geschatte looptijd van de schulden in de winst- en verliesrekening als rentelast verwerkt.

Grondslagen voor de bepaling van het resultaat

Algemeen

Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de opbrengstwaarde van de geleverde prestaties en de kosten en andere lasten over het jaar. De opbrengsten op transacties worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd.

Netto-omzet

Netto-omzet omvat de opbrengsten uit verlening van diensten en gerealiseerde projectopbrengsten uit hoofde van onderhanden projecten onder aftrek van kortingen en van over de omzet geheven belastingen en na eliminatie van transacties binnen de groep.

Opbrengsten kaartverkoop

De opbrengsten kaartverkoop betreffen de opbrengsten van de chipkaart en het aandeel in de landelijke opbrengst van verkochte plaatsbewijzen. Dit aandeel is bepaald op basis van de onder verantwoordelijkheid van het ministerie van Infrastructuur en Milieu vastgestelde verdeelsleutels. De definitieve opbrengsten over enig boekjaar zijn pas in de loop van het hierop volgende boekjaar bekend. De in de jaarrekening opgenomen opbrengst is een zo betrouwbaar mogelijke schatting gebaseerd op de laatst bekende informatie.

Voorts is in het bedrag voor nog te ontvangen opbrengsten kaartverkoop opgenomen het aan RET N.V. toegerekende aandeel voor opbrengstenderving en extra capaciteit lijndienstvervoer als gevolg van het aanbieden van openbaar vervoer aan studenten tegen gereduceerd tarief door het gebruik van de ov-studentenkaart. Ten behoeve van het tegen gereduceerd tarief aanbieden van openbaar vervoer aan 65+ reizigers wordt van de gemeenten Rotterdam, gemeente Barendrecht en Capelle aan den IJssel een lumpsum bedrag ontvangen. Van de gemeente Schiedam wordt een lumpsum bedrag ontvangen voor vrij reizen van personen die een minimum inkomen hebben.

Exploitatiebijdragen

Exploitatiebijdragen worden als bate verantwoord in de winst- en verliesrekening in het jaar waarin de gesubsidieerde kosten zijn gemaakt of opbrengsten zijn gederfd, of wanneer een gesubsidieerd exploitatietekort zich heeft voorgedaan. De baten worden verantwoord als het waarschijnlijk is dat deze worden ontvangen. Subsidies met betrekking tot investeringen in materiële vaste activa worden in mindering gebracht op het desbetreffende actief en als onderdeel van de afschrijvingen verwerkt in de winst- en verliesrekening.

Projectopbrengsten en projectkosten

Voor onderhanden projecten, waarvan het resultaat op betrouwbare wijze kan worden bepaald, worden de projectopbrengsten en de projectkosten verwerkt als netto-omzet en kosten in de winst- en verliesrekening naar rato van de verrichte prestaties per balansdatum (‘percentage of completion’, ofwel de PoC-methode).

De voortgang van de verrichte prestaties wordt bepaald op basis van de tot de balansdatum gemaakte projectkosten in verhouding tot de geschatte totale projectkosten. Als het resultaat (nog) niet op betrouwbare wijze kan worden geschat, dan worden de opbrengsten als netto-omzet verwerkt in de winst- en verliesrekening tot het bedrag van de gemaakte projectkosten dat waarschijnlijk kan worden verhaald; de projectkosten worden dan verwerkt in de winst- en verliesrekening in de periode waarin ze zijn gemaakt. Zodra het resultaat wel op betrouwbare wijze kan worden bepaald, vindt opbrengstverantwoording plaats volgens de PoC-methode naar rato van de verrichte prestaties per balansdatum.

Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de projectopbrengsten en projectkosten. Projectopbrengsten zijn de contractueel overeengekomen opbrengsten en opbrengsten uit hoofde van meer- en minderwerk, claims en vergoedingen indien en voor zover het waarschijnlijk is dat deze worden gerealiseerd en ze betrouwbaar kunnen worden bepaald. Projectkosten zijn de direct op het project betrekking hebbende kosten, die in het algemeen aan projectactiviteiten worden toegerekend en toegewezen kunnen worden aan het project, en andere kosten die contractueel aan de opdrachtgever kunnen worden toegerekend.
Indien het waarschijnlijk is dat de totale projectkosten de totale projectopbrengsten overschrijden, dan worden de verwachte verliezen onmiddellijk in de winst- en verliesrekening verwerkt. Dit verlies wordt verwerkt in de kostprijs van de omzet. De voorziening voor het verlies maakt onderdeel uit van de post onderhanden projecten.

Overige bedrijfsopbrengsten

Overige bedrijfsopbrengsten bestaan uit opbrengsten vanuit de verkoop van gepersonaliseerde en anonieme chipkaarten waarop reissaldo gezet kan worden, uit reclameopbrengsten, uit verrichte werkzaamheden voor derden, uit ontvangen vergoedingen vanuit geschreven processen verbaal, uit opbrengsten vanuit verschrotting en verkoop van activa en uit de ontvangen vergoeding voor het voeren van de directie van RET Infrastructuur B.V. en RET Railgebonden Voertuigen B.V.

Kosten

Kosten worden toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben. Per jaareinde worden hiertoe schattingen gemaakt voor zover prestaties reeds zijn geleverd maar nog geen facturen zijn ontvangen.

Personeelskosten

Periodiek betaalbare beloningen

Lonen, salarissen en daarop betrekking hebbende sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de winst- en verliesrekening voor zover ze verschuldigd zijn aan werknemers.

Pensioenen

RET N.V. heeft alle pensioenregelingen verwerkt volgens de verplichtingenbenadering. De over het verslagjaar verschuldigde premie wordt als last verantwoord. Mutaties in de pensioenvoorziening worden ook in de winst- en verliesrekening verwerkt. Het bedrag dat als pensioenvoorziening is opgenomen, is de beste schatting van de nog niet afgefinancierde bedragen die noodzakelijk zijn om de desbetreffende verplichtingen per balansdatum af te wikkelen.

Afschrijvingen op materiële vaste activa

Materiële vaste activa worden vanaf het moment van ingebruikneming afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Over terreinen wordt niet afgeschreven. Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de toekomstige gebruiksduur, dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast. Boekwinsten en -verliezen uit de incidentele verkoop van materiële vaste activa zijn begrepen onder de afschrijvingen.

Rentebaten en -lasten

Rentebaten en -lasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de betreffende activa en passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen. Te ontvangen dividenden van niet op nettovermogenswaarde gewaardeerde deelnemingen en effecten, worden verantwoord zodra RET N.V. het recht hierop heeft verkregen.

Activeren van rente

Rentelasten worden geactiveerd gedurende de periode van vervaardiging van een actief, indien het een aanmerkelijke hoeveelheid tijd vergt om het actief gebruiks- of verkoopklaar te maken. De te activeren rente wordt berekend op basis van de verschuldigde rente over specifiek voor de vervaardiging opgenomen leningen en op basis van de gewogen rentevoet van leningen die niet specifiek aan de vervaardiging van het actief zijn toe te rekenen, in verhouding tot de uitgaven en periode van vervaardiging.

Resultaat deelnemingen (gewaardeerd op netto-vermogenswaarde)

Het resultaat is het bedrag waarmee de boekwaarde van de deelneming sinds de voorafgaande jaarrekening is gewijzigd als gevolg van het door de deelneming behaalde resultaat voor zover dit aan RET N.V. wordt toegerekend.

Financiële instrumenten en risicobeheersing

Het gebruik van financiële instrumenten hangt samen met de operationele activiteiten. Financiële instrumenten zijn beperkt tot liquide middelen, debiteuren- en overige vorderingen, crediteuren- en overige kortlopende schulden. Er wordt geen gebruik gemaakt van afgeleide financiële instrumenten.

Renterisico

De gebruiksvergoedingen die verschuldigd zijn aan RET Infrastructuur B.V. en RET Railgebonden Voertuigen B.V. voor het gebruik van infrastructuur en materieel omvatten de kapitaallasten, waaronder rentelasten. Infrastructuur en materieel zijn gefinancierd met langlopende financieringen met een vaste rente, derhalve is het renterisico beperkt.

Kredietrisico

Het maximale kredietrisico komt overeen met de in de balans opgenomen activa en betreft met name het bedrag aan vorderingen onder financiële vaste activa en vorderingen. Er zijn voorzieningen getroffen voor mogelijke oninbaarheid. In het verleden hebben op beperkte schaal afboekingen plaatsgevonden op vorderingen. Het kredietrisico wordt beperkt geacht en wordt beheerst door onder meer adequaat debiteurenbeheer.

Liquiditeitsrisico

Beheersing van het liquiditeitsrisico vindt plaats door te streven naar voldoende liquiditeitsbuffer, en door zorg te dragen voor voldoende cashflow. Beheersing van de cashflow vindt plaats door strikt cashflowmanagement, door het plannen van nieuwe investeringen, alsmede door actief management van het werkkapitaal. RET N.V: heeft voor de hoogte van de rekening-courantpositie met verbonden partijen een trekkingsrecht bij de aandeelhouder, waardoor toegang tot de kapitaalmarkt bereikt is.

Het liquiditeitsrisico op lange termijn wordt gevormd door de mate van zekerheid dat RET over een termijn langer dan 1 jaar aan haar betalingsverplichtingen kan voldoen. De reguliere operatie kan worden gefinancierd vanuit de exploitatiebijdragen. Het liquiditeitsrisico bestaat uit voorfinanciering van projecten en investeringen. Wij monitoren de impact van investeringsbegrotingen op de verwachte cashflow positie. Na het herfinancieren van onze onderhanden projecten is financiering op middellange termijn nodig bij het vervangen van de bussen.

Valutarisico

Het valutarisico is gemitigeerd door de buitenlandse valuta aan te trekken bij het aangaan van de verplichting, dit betrof Zwitserse franken voor de aanschaf van de gestoffeerde stoelen in voertuigen.

Toelichting op de geconsolideerde balans

Materiële vaste activa

x € 1.000      
Boekwaarde per 31 december 201531.74610.4889.1432.2893.34757.013
Bedrijfs-gebouwen en terreinenMachines en installatiesRollend materieelAndere vaste bedrijfs-middelenVaste bedrijfs-middelen in uitvoering en vooruit-betaaldTotaal
Stand per 1 januari 2015
Aanschafwaarde 42.69837.42420.5526.6242.922110.220
Cumulatieve afschrijvingen-9.279-27.341-9.172-3.9860-49.778
Boekwaarde per 1 januari 201533.41910.08311.3802.6382.92260.442
Mutaties in de boekwaarde
Investeringen7722.0536873.6456.545
In gebruikname activa in aanbouw31774100-1.0580
Overdracht (aanschafwaarde)10300-10300
Desinvesteringen00-900-9
Ontvangen investeringsbijdragen0000-2.162-2.162
Afschrijvingen-1.443-2.389-2.300-1.6960-7.828
Afschrijvingen desinvesteringen004004
Bijzondere waardeverminderingen-1.4220000-1.422
Vrijval investeringsbijdragen0001.44301.443
Saldo mutaties 2015-1.673405-2.237-349425-3.429
Stand per 31 december 2015
Aanschafwaarde 43.89040.21820.6116.5283.347114.594
Cumulatieve afschrijvingen-12.144-29.730-11.468-4.2390-57.581

Remise Beverwaard is in 2015 geactiveerd voor € 0,6 miljoen (2014: € 2,1 miljoen) en voor remise Waalhaven € 0,5 miljoen aan huisvesting. In verband met de sloop van het bedrijfsgebouw aan de ´s-Gravenweg is een bijzondere waardevermindering verantwoord.

In machines en installaties werd in 2015 in computers en informatiesystemen € 2,1 miljoen (2014: € 2,1 miljoen) geïnvesteerd. Daarnaast is voor € 0,7 miljoen aan overige zaken zoals kantoormeubilair en revisie van bestuurdersstoelen in de bussen geactiveerd.

De vaste activa in uitvoering betreft de onderhanden projecten voor eigen rekening en risico.

De gehanteerde jaarlijkse afschrijvingspercentages zijn per categorie als volgt:

  • Bedrijfsgebouwen en -terreinen: 0,00 procent – 10,00 procent
  • Machines en installaties: 1,33 procent – 20,00 procent
  • Rollend materieel: 3,33 procent – 14,29 procent
  • Andere vaste bedrijfsmiddelen: 3,33 procent – 14,29 procent

Op vaste bedrijfsmiddelen in uitvoering en vooruitbetaalde bedragen op materiële vaste activa wordt niet afgeschreven.

Financiële vaste activa

x € 1.000Deelneming TLSDeelneming RMCOverige vorderingenTotaalndeelnemingen
Boekwaarde per 31 december 201501.4811.1322.613
Boekwaarde per 1 januari 201510.9421.390012.332
Mutaties in de boekwaarde
Aankopen, verstrekte leningen001.2501.250
Verkopen, aflossingen-7.69200-7.692
Resultaat deelnemingen091091
Terugbetaling kapitaal deelnemingen-3.25000-3.250
Overige mutaties00-118-118
Saldo mutaties 2015-10.942911.132-9.719

Deelneming TLS heeft betrekking op Trans Link Systems (TLS) B.V. (statutair gevestigd te Amersfoort, aandeel in het kapitaal: 12,5 procent). De aandelen in deze vennootschap zijn per ultimo 2015 verkocht voor de historische kostprijs, dit was ook de boekwaarde. De aandelen zijn verkocht aan de nieuw opgerichte Coöperatie Openbaar Vervoerbedrijven U.A. RET N.V. is lid van deze coöperatie.

Deelneming RMC betreft Rotterdamse Mobiliteits Centrale (RMC) B.V. (statutair gevestigd te Rotterdam, aandeel in het kapitaal: 49 procent). Het resultaat deelnemingen in 2015 betreft het nagekomen resultaat 2014 van RMC B.V. Voor 2015 wordt een nihil resultaat verwacht. De niet uitgekeerde winsten van deze deelneming zijn toegevoegd aan een wettelijke reserve deelnemingen.

Het bedrag aan overige vorderingen betreft een achtergestelde lening aan de Coöperatie Openbaar Vervoerbedrijven U.A. RET NV heeft deze achtergestelde lening verstrekt aan de Coöperatie voor een bedrag van €1,25 miljoen. De lening heeft een looptijd van 5 jaar. Aflossing vindt plaats op 1 januari 2021.Over de vordering wordt geen rente berekend. De vordering is contant gemaakt tegen een marktrente van 2,0%. Dit effect is opgenomen onder de overige mutaties.

Voorraden

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
13.64414.035
Grond- en hulpstoffen20.13423.479
Af: voorziening incourante goederen-7.074-9.648
13.06013.831
OV-chipkaarten en merchandise584204

 

Onderhanden projecten

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
134.451140.259
Onderhanden projecten205.803185.332
Af: ontvangen termijnbedragen-128.016-94.334
Af: voorziening projecten-1.166-2.240
76.62188.758
Waarvan verricht werk < gefactureerde termijnen / ontvangen financiering
-gepresenteerd onder kortlopende schulden57.83051.501

RET N.V. voert in opdracht van Metropoolregio Rotterdam Den Haag werken en opdrachten tot constructie van activa uit. De financiering hiervan vindt grotendeels plaats met van Metropoolregio Rotterdam Den Haag ontvangen middelen. Bij gereedkomen van het project wordt dit overgedragen aan RET Infrastructuur B.V. of RET Railgebonden Voertuigen B.V.

Vorderingen

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
130.524126.161
Vorderingen op handelsdebiteuren5.2245.454
Af: voorziening dubieuze debiteuren-119-168
5.1055.286
Vorderingen op participanten en maatschappijen waarin wordt deelgenomen01.016
Belastingen en premies sociale verzekeringen4.6546.335
Overige vorderingen118.446111.966
Overlopende activa2.3191.558

Vorderingen op participanten en maatschappijen waarin wordt deelgenomen bestonden eind 2014 nagenoeg geheel uit een vordering op TLS B.V.

Belastingen en premies sociale verzekeringen betreft te vorderen B.T.W.

In de overige vorderingen zijn begrepen de rekening-courantverhoudingen met RET Railgebonden Voertuigen B.V. en RET Infrastructuur B.V. ultimo 2015 van € 82,1 miljoen (2014: € 87,4 miljoen). Voor deze rekening-courantverhoudingen zijn geen limieten opgenomen. De rentepercentages bedragen 3,0 procent voor RET Infrastructuur B.V. en 3,1 procent voor RET Railgebonden Voertuigen B.V. (2014: 3,5 procent). Omtrent aflossing en zekerheden is niets overeengekomen.

Daarnaast is een post van € 6,4 miljoen aan nog te ontvangen verkoopsom voor de aandelen van Trans Link Systems (TLS) opgenomen. Dit bedrag is begin 2016 ontvangen. Onder de vorderingen zijn begrepen vorderingen op de aandeelhouder van € 69.000. Omtrent aflossing en zekerheden is niets overeengekomen. Er wordt geen rente berekend.

Tevens is een vordering opgenomen voor te ontvangen maandtermijnen voor (jaar)abonnementen van € 5,1 miljoen (2014: € 4,8 miljoen).

De reële waarde van de vorderingen benadert de boekwaarde, gegeven het kortlopende karakter van de vorderingen en het feit dat waar nodig voorzieningen voor oninbaarheid zijn gevormd.

Liquide middelen

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
38.93558.111
Kas4145
Bank38.36657.567
Overig528499

De liquide middelen staan ter vrije beschikking van de onderneming.

Groepsvermogen

Het eigen vermogen wordt in de toelichting op de balans in de vennootschappelijke jaarrekening nader toegelicht.

Voorzieningen

x € 1.000     
46.113-8.7506.409-11.53632.236
Boekwaarde per 1 januari 2015Ont-trekkingenDotatieVrijvalBoekwaarde per 31 december 2015
Personeelsvoorzieningen
Sociaal Plan452-4833100
FLO2.442-492111-12.060
Jubilea3.591-37143503.655
Langdurig zieken3.417-1.216151-4991.853
WW regulier en bovenwettelijk3.288-1.0661.285-1.1882.319
Overig1.748-269340-2411.578
Reorganisatievoorziening
Reorganisatievoorziening1.665-692201-759415
Overige voorzieningen
Incidentele claims9.648-12.960-8.4264.181
Verlieslatend contract14.119-3.254895-38911.371
Referentiesheets5.696-8750-174.804
Overig47-310-160

Er zijn geen voorzieningen die betrekking hebben op belastingen. Het totaalbedrag van mutaties vanuit oprenting en wijziging in rekenrente opgenomen in bovenstaand verloopoverzicht bedraagt circa € 0,2 miljoen.

Algemeen

Bij de actuariële berekening van de voorzieningen zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:

 20152014
Gehanteerde rekenrente1,0-2,0 procent1,0-2,0 procent
Verwachte salarisstijging1,5 procent1,5 procent

Gehanteerde rekenrente: op basis van de gemiddeld gewogen looptijd van de voorziening.
Verwachte salarisstijgingen: op basis van een leeftijdsafhankelijke staffel gemiddeld 1,5 procent.
Overlevingskansen: op basis van een actuele sterftetabel.
Ontslagkansen: 5 procent.

De dotaties aan en vrijval van de personeels- en reorganisatievoorzieningen hebben ten laste respectievelijk ten gunste van de personeelskosten plaatsgevonden. De dotaties en vrijval van de overige voorzieningen hebben ten laste respectievelijk ten gunste van de overige bedrijfskosten plaatsgevonden.

Sociaal plan

De voorziening Sociaal Plan is in 2005 gevormd met een looptijd van 10 jaar. In het kader van de vereiste marktconformiteit is RET N.V. toen gekrompen. Overtollig personeel is op basis van een sociaal plan een regeling aangeboden. De voorziening wordt actuarieel berekend.

FLO (Functioneel Leeftijd Ontslag)

De FLO-regeling is een regeling waarmee trambestuurders en buschauffeurs met voldoende functiejaren met vroegpensioen kunnen als zij 60 worden, tegen 80 procent van hun salaris. Dit is feitelijk een verruimde FPU-regeling. Ook deze regeling is eindig: de groep met geboortejaar 1949 is de laatste groep die nog met de FLO kan. Daarnaast is er een overgangsregeling gecreëerd. De toekomstige FLO-uitkeringen zijn in de voorziening opgenomen.

Jubilea

Medewerkers die vijfentwintig, veertig of vijftig jaar in dienst van RET N.V. zijn, hebben bij het bereiken van elk van deze jubilea aanspraak op een gratificatie. Deze voorziening betreft de contante waarde van de hiervoor ingeschatte toekomstige verplichtingen.

Langdurig zieken

De voorziening langdurig zieken is gevormd voor de verplichte loondoorbetaling gedurende de periode van ziekte of arbeidsongeschiktheid voor betreffende medewerkers. In 2015 is de berekeningswijze beperkt aangepast voor de waarschijnlijkheid dat er sprake is van verplichte loondoorbetaling. Hierin is tevens meegenomen de waarschijnlijkheid dat er sprake kan zijn van een transitievergoeding bij beëindiging van arbeidscontracten. Per saldo heeft dit in 2015 geleid tot een vrijval van circa € 0,35 miljoen.

WW regulier en boventallig

Dit betreft voornamelijk een voorziening voor WW-kosten voor personeelsleden en ingehuurd personeel. De dotaties en vrijvallen hangen samen met de in- en uitstroom in de WW van onze personeelsleden.

Overige personeelsvoorzieningen

Dit betreft voornamelijk voorzieningen voor compensatie voor arbeidsongeschiktheid, het OV-sectorplan en wachtgeld.

Reorganisatievoorziening

De voorziening reorganisatie heeft betrekking op reorganisatie van functies binnen RET, waartoe in 2008, in 2011 en in 2012 is besloten. Voor de bepaling van deze voorziening is uitgegaan van alle reorganisatiemaatregelen waartoe door de directie is besloten en die aan de Ondernemingsraad zijn voorgelegd. De hoogte van de voorzieningen die in 2008, 2011 en 2012 zijn besloten is bepaald aan de hand van een inschatting per persoon / functie. De hoogte van de voorziening ultimo 2015 is gebaseerd op de momenteel beste managementinschatting van de werkelijk uit te keren bedragen. De verantwoorde vrijval heeft betrekking op wijzigingen in de situatie van de betreffende personen/functies.

Overige voorzieningen

De voorziening incidentele claims is gevormd voor juridische claims die bij RET N.V. zijn ingediend.

In 2014 is naar aanleiding van een verwacht onvermijdbaar verlies tot het einde van de concessieperiode een voorziening verlieslatend contract getroffen. In 2015 is getoetst of de gevormde voorziening nog afdoende is om het onvermijdbaar verlies tot het einde van de concessieperiode te dekken. Als gevolg van deze inschatting is een bedrag van € 0,2 miljoen vrijgevallen ten gunste van het resultaat 2015, waardoor het saldo ultimo 2015 € 10,5 miljoen.

De voorziening referentiesheets, als onderdeel van de totale voorziening verlieslatend contract, is gevormd naar aanleiding van de mindere inzetbaarheid van de voormalig Qbuzz personeel. Na de gunning is gebleken dat RET niet juist is geïnformeerd over de inzet van het personeel van de latende concessiehouder. Het gevolg hiervan is dat RET Bus B.V. de exploitatie van deze concessie niet sluitend kan krijgen en de komende jaren er een verwacht verlies zal zijn. Het bedrag is vastgesteld door de aanvullende informatie over inzetbaarheid toe te passen op het dienstenpakket. De voorziening is ultimo 2015 opgenomen voor de resterende looptijd van de concessie.

Voor het uitvoeren van de toezichthoudende functie door middel van openbaar vervoer surveillanten in de metro is een contract afgesloten met gemeente Rotterdam, welke loopt tot en met 2018. Tot het einde van de contractperiode wordt een onvermijdbaar verlies verwacht, waarvoor in 2015 een verlieslatend contract van € 0,9 miljoen is getroffen.

De looptijd van de verschillende voorzieningen is als volgt weer te geven:

x € 1.000    
13.38815.0243.82432.236
< 1 jaar> 1 jaar
< 5 jaar
> 5 jaarTotaal
Personeelsvoorzieningen4.5983.0433.82411.465
Reorganisatievoorziening3061090415
Overige voorzieningen8.48411.872020.356

Langlopende schulden

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
16.33919.421
Overige schulden16.33919.421

Overige schulden hebben voor € 18,0 miljoen betrekking op de vooruit ontvangen bijdrage voor de kapitaallasten uit hoofde van de investering CS-Zuidplein. Hiervan heeft € 3,1 miljoen betrekking op 2016 en is gerubriceerd als overlopende passiva. Een bedrag van € 1,1 miljoen heeft een resterende looptijd van langer dan 5 jaar. Het gehanteerde rentepercentage bedraagt 4,56%.

Hiernaast is een langlopende verplichting opgenomen van € 1,4 miljoen inzake het onderhoud van geluids- en antiverblindingsschermen nabij Pernis. Dit bedrag was eerder ontvangen van Rijkswaterstaat. In 2011 heeft voor de eerste keer onderhoud plaatsgevonden, in 2015 zijn geen mutaties geweest. Een bedrag van €1,2 miljoen heeft een resterende looptijd van langer dan 5 jaar.

Kortlopende schulden

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
170.267194.099
Schulden aan leveranciers en handelskredieten28.61734.608
Schulden aan participanten en aan maatschappijen waarin wordt deelgenomen158629
Belastingen en premies sociale verzekeringen13.00710.075
Onderhanden projecten57.83051.501
Overige schulden6.9008.395
Overlopende passiva63.75588.891

De kortlopende schulden hebben voor het overgrote deel een resterende looptijd van korter dan een jaar. De reële waarde van de kortlopende schulden benadert de boekwaarde vanwege het kortlopende karakter ervan.

Over de schuld aan participanten en aan maatschappijen waarin wordt deelgenomen wordt geen rente berekend, omtrent aflossing en zekerheden is niets overeengekomen.

De belastingen en premies sociale verzekeringen betreffen de schulden aan loonheffingen en sociale verzekeringen. Onder de schulden zijn begrepen schulden op de aandeelhouder van € 0,9 miljoen. Omtrent aflossing en zekerheden is niets overeengekomen. Er wordt geen rente berekend.

RET N.V. heeft van de gemeente Rotterdam voorschotten ontvangen voor de bijdragen van het project RandstadRail. Deze zijn nog niet als onderhanden werk te beschouwen. Deze voorschotten dienen ter dekking van de toekomstige uitgaven en zijn onder overlopende passiva verantwoord voor een bedrag van € 9,9 miljoen (2014: € 10,4 miljoen).

De afgelopen periode heeft de RET met de MRDH overleg gevoerd over de bieding van de in te besteden Railconcessie 2016-2026. In het bestuurlijk overleg is er op hoofdlijnen overeenstemming over de bieding 2016-2019.  Onderdeel van deze afspraken is dat RET de uitgaven voor het keerspoor Metrolijn E,  aanloopverliezen Hoekse Lijn en de meerkosten van de medewerkers Toezicht voor MRDH zal bekostigen. Hiervoor vindt een herallocatie op de exploitatiebijdrage 2015 plaats. Deze totale verplichting is opgenomen voor een  bedrag van € 21,5 miljoen. Van deze posten heeft een bedrag van € 15,2 miljoen een verwachte looptijd tussen de 2 en 5 jaar en een bedrag van 4,8 miljoen een verwachte looptijd van langer dan 5 jaar.

Onder de overlopende passiva is verder € 6,4 miljoen (2014: € 7,2 miljoen) vooruit ontvangen inkomsten opgenomen uit de verkopen van jaarabonnementen in 2015. Hiervan heeft het reisrecht betrekking op 2016. Daarnaast is een voorlopige vergoeding voor ov-studentenkaart 2016 in 2015 niet vooruitontvangen (2014: € 30,9 miljoen).

Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen

Concessie stadsregio Rotterdam

RET N.V. heeft overeenkomsten afgesloten met Metropoolregio Rotterdam Den Haag ter uitvoering, inclusief de veiligheid, van het openbaar vervoer bus, tram, metro en ferry in het gebied van de regio Rotterdam en regio Haaglanden (RandstadRail).

Overeenkomst concessie rail

De concessie heeft een ingangsdatum van 10 december 2006 en een looptijd van 10 jaar. RET N.V. ontvangt als concessiehouder een jaarlijkse exploitatiebijdrage (concessievergoeding) voor de uitvoering van de concessie, zoals vastgelegd in de subsidiebeschikking, afgegeven door Metropoolregio Rotterdam Den Haag (concessieverlener). Voor de jaren 2014, 2015 en 2016 zijn afspraken gemaakt over de exploitatiebijdragen en jaarlijkse indexering. De voor de concessie gemaakte opbrengsten worden vergoed door middel van reizigersopbrengsten en exploitatiebijdragen.

Alle trams en metro’s zijn ondergebracht in RET Railgebonden Voertuigen B.V. (een 100 procent dochter van RET Infrastructuur B.V.) Het gebruiksrecht hierop eindigt bij het einde van de lopende concessie. Het is de intentie om de concessie te verlengen. De bieding voor de Railconcessie 2016 – 2026 is in voorbereiding bij RET en de MRDH en wordt in de zomer van 2016 gegund volgens de procedure.

Overeenkomst concessie bus

Op 9 december 2012 is de nieuwe busconcessie ingegaan met een looptijd van 7 jaar en zijn de busactiviteiten afgesplitst van RET N.V. en ingebracht in RET Bus B.V. (een 100 procent dochter van RET N.V.). RET Bus B.V. ontvangt als concessiehouder een jaarlijkse exploitatiebijdrage (concessie-vergoeding) voor de uitvoering van de concessie, zoals vastgelegd in de subsidiebeschikking afgegeven door Metropoolregio Rotterdam Den Haag (concessieverlener).

In verband met deze concessie zijn activa en passiva vanuit RET Materieel B.V. en RET N.V. overgedragen aan RET Bus B.V. tegen marktwaarde. De activa zijn aan het einde van de concessieperiode ook aan het einde van de economische levensduur.

Investeringsverplichtingen

RET N.V. heeft een veelheid aan meerjarige investeringsverplichtingen betreffende aanleg van en groot onderhoud aan infrastructurele werken ten behoeve van RET Infrastructuur B.V. en aanschaf en onderhoud aan voertuigen ten behoeve van RET Railgebonden Voertuigen B.V.

Met name betreft dit:

  • Aanschaf rijtuigen voor de Hoekse Lijn en de frequentieverhoging metrolijn E met openstaande verplichtingen van € 44,1 miljoen;
  • Verbouwing ’s-Gravenweg met openstaande verplichtingen van € 11,2 miljoen;
  • Vernieuwing mobilofoonsysteem met openstaande verplichtingen van € 8,8 miljoen;
  • Spoorbeveiliging met openstaande verplichtingen van € 8,3 miljoen;
  • D-beurt aan de Citadis I tramvoertuigen met openstaande verplichtingen van € 6,4 miljoen;
  • Brandveiligheid tunnels fase 2 met openstaande verplichtingen van € 4,8 miljoen;
  • Aanpassing ATB systemen in SG 3 metrovoertuigen met openstaande verplichtingen van € 2,5 miljoen.

Het belangrijkste deel van deze investeringsverplichtingen kent een looptijd tussen de 1 jaar en 5 jaar.

Leaseverplichtingen

Alle lopende leaseovereenkomsten voor het wagenpark van RET N.V. kwalificeren als operationele leaseovereenkomsten. Verschuldigde betalingen in verband met lease worden als lasten in de winst- en verliesrekening opgenomen. RET N.V. heeft het beheer van zijn wagenpark, exclusief het rijdend materieel voor openbaar vervoer, bij een leasemaatschappij ondergebracht. In 2015 is hier een bedrag van ongeveer € 1,1 miljoen voor voldaan (2014: € 1,3 miljoen). Het merendeel van de leasecontracten heeft een looptijd van circa 6 jaar, de omvang van de jaarlijkse verplichting is gelijk aan de leasekosten van het huidig boekjaar.

De bestaande lease verplichtingen met een looptijd:

  • korter dan een jaar zijn hierdoor circa € 1,1 miljoen;
  • tussen 1 jaar en 5 jaar zijn ongeveer € 2,6 miljoen;
  • en langer dan 5 jaar zijn € 0,2 miljoen.

Huurverplichtingen

RET N.V. is een verplichting aangegaan voor de huur van het kantoorpand Vancouver. De looptijd van de verplichting loopt tot en met 2026.

De huurverplichtingen met een looptijd:

  • korter dan een jaar zijn circa € 2,5 miljoen;
  • tussen 1 jaar en 5 jaar zijn ongeveer € 10,2 miljoen;
  • en langer dan 5 jaar zijn € 14,6 miljoen.

RET Bus B.V. is huurverplichtingen aangegaan voor de diverse locaties in de regio in verband met de uitbreiding van de busconcessie. De looptijden van de verplichtingen zijn tot het eind van de busconcessie (in 2019) meegenomen. De verplichting korter dan een jaar is circa € 0,1 miljoen en tussen 1 en 5 jaar ongeveer € 0,4 miljoen. Er zijn geen huurverplichtingen langer dan 5 jaar.

Gedurende het verslagjaar is een bedrag van € 2,6 miljoen aan huurlasten in de winst- en verliesrekening verwerkt.

Gebruiksvergoeding

RET N.V. is een verplichting aangegaan voor het gebruik van de infrastructuur met RET Infrastructuur B.V. en het gebruik van materieel met RET Railgebonden Voertuigen B.V. Verplichtingen voortvloeiend uit het eigendom, het gebruik en de instandhouding van de railvoertuigen zijn voor rekening en risico van RET N.V. Hiervoor betaalt RET N.V. een gebruiksvergoeding. Deze gebruiksvergoeding betreft hoofdzakelijk een vergoeding voor afschrijvings- en rentekosten en bedraagt voor 2015 circa € 58,8 miljoen (2014: € 59,4 miljoen). RET N.V. heeft aan RET Railgebonden Voertuigen B.V. heeft een pandrecht verleend op de door RET N.V. ontvangen railconcessievergoeding.

Bankgaranties

Er zijn drie lopende bankgaranties, een bankgarantie ter waarde van € 21.175 aan Indumat B.V. te Ridderkerk, een bankgarantie van € 40.000 voor de huur van de Conradstraat en een bankgarantie aan NS Stations ter hoogte van € 35.000.

Fiscale eenheid

De rechtspersoon maakt deel uit van een fiscale eenheid met RET Materieel B.V., RET Services B.V. en RET Bus B.V. voor de omzetbelasting en is uit dien hoofde hoofdelijk aansprakelijk voor de belastingschuld van de fiscale eenheid als geheel.
Bij invoering van de vennootschapsbelasting-plicht per 1 januari 2016 zal mogelijk een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting worden aangevraagd.

Toelichting op de geconsolideerde winst- en verliesrekening

Netto-omzet

x € 1.00020152014
454.783469.620
Opbrengsten kaartverkoop182.355174.228
Exploitatiebijdragen143.551172.084
Werken derden128.877123.308

De opbrengsten kaartverkoop zijn de opbrengsten van de chipkaart en de aan RET N.V. toegerekende opbrengsten van het nationaal vervoerbewijzensysteem, de opbrengsten van de regionale vervoerbewijzen, 65+ vrij reizen in Rotterdam, Barendrecht en Capelle aan den IJssel, vrij reizen voor minima uit Schiedam en de opbrengst studentenkaart. De toename in 2015 is, naast indexering, voornamelijk te danken aan de groei van het aantal reizigers en langere ritten.

De exploitatiebijdragen hebben betrekking op de beschikkingen van Metropoolregio Rotterdam Den Haag voor de exploitatie rail, bus, verkoop & marketing, regie & ontwikkeling, fast ferry, railinfrastructuur en sociale veiligheid.

x € 1.00020152014
143.551172.084
Reguliere exploitatiebijdragen165.051172.084
Herallocatie exploitatiebijdragen-21.5000

De reguliere exploitatiebijdragen voor 2015 zijn ten opzichte van 2014 afgenomen conform afspraak met de opdrachtgever. De afgelopen periode heeft de RET met de MRDH overleg gevoerd ove de bieiding van de in te besteden Railconcessie 2016-2026. In het bestuurlijk overleg is er op hoofdlijnen overeenstemming over de bieding 2016-2019.  Onderdeel van deze afspraken is dat RET de uitgaven voor het keerspoor Metrolijn E,  aanloopverliezen Hoekse Lijn en de meerkosten van de medewerkers Toezicht voor MRDH zal bekostigen. Hiervoor vindt een herallocatie op de exploitatiebijdrage 2015 plaats voor een bedrag van € 21,5 miljoen.

Werken derden betreft de aan het verslagjaar op basis van ’percentage of completion‘ toerekenbare omzet inzake infrastructurele projecten en de bouw van railgebonden voertuigen.

Overige bedrijfsopbrengsten

x € 1.00020152014
16.69311.259
Overige bedrijfsopbrengsten6.1741.561
Bijdrage chipkaarten953992
Werken voor derden en overige dienstverlening5.8835.749
Vergoeding procesverbaal639696
Verschrotting en verkoop activa1.724941
Management fee1.3201.320

De managementfee betreft een vergoeding voor het voeren van de directie van RET Infrastructuur B.V. en RET Railgebonden Voertuigen B.V. De toename van de regel overige bedrijfsopbrengsten wordt veroorzaakt door toegenomen reclameopbrengstopbrengsten en additioneel fast ferry vervoer naar de Maasvlakte II.

Kosten van grond- en hulpstoffen

x € 1.00020152014
11.8478.578
Kosten van grond- en hulpstoffen11.8478.578

In deze post is begrepen het materiaalgebruik voor de infrastructurele projecten, direct materiaalverbruik (zoals voorraad onderdelen die worden gebruikt bij het onderhoud), aanschaf van kleine machines, bandenverbruik en resultaten op reparatieorders, als ook magazijn- en emballageverschillen en prijs- en herwaarderingsverschillen.

Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten

x € 1.00020152014
185.340174.365
Ingehuurd personeel35.68525.184
Ingehuurd personeel werken derden7.6858.302
Werken derden94.961104.663
Onderhoud en reparatie door derden43.39531.738
Vervoer door derden1.3091.554
Overige externe kosten2.3052.924

De kosten voor ingehuurd personeel zijn hoger dan vorig jaar. Dit zit met name bij de volgende afdelingen: Veiligheid voor inhuur conducteurs Bus, Tram en Ingenieursbureau. De redenen zijn inhuur voor niet ingevulde formatieplaatsen, tijdelijke versterking van de afdelingen, opvang ziekteverzuim en minder inhuur op projecten voor derden. RET Bus B.V. heeft een hoog ziekteverzuim en lagere inzetbaarheid van personeel, wat met een flexibele schil opgevangen is.

Werken derden is met € 9,7 miljoen omlaag gegaan door lagere bouwkosten ten behoeve van investeringen (onderhanden projecten).

De overige externe kosten zitten ongeveer op hetzelfde niveau als voorgaand jaar.

Personeelskosten

x € 1.00020152014
170.926162.002
Salarissen113.283109.410
Geactiveerde loonkosten-1.558-3.440
Vaste beloningen15.26713.819
Variabele beloningen5.5967.137
Pensioenpremie16.65218.425
Premies sociale verzekeringen18.14017.819
Overige sociale lasten-322-817
Overige personeelskosten4.5344.455
Mutaties personeelsvoorzieningen-666-4.806

De salarissen stijgen met name door de indexatie (cao). De vaste beloningen zijn met €1,4 miljoen toegenomen met name door cao afspraken. In de variabele beloningen is een afname zichtbaar door een lagere dotatie aan de verplichting voor verlofuren.
Een lager bedrag voor VUT / FPU zorgt voor een lagere post pensioenpremie, daarnaast zijn de ABP kosten omlaag gegaan. De premie sociale verzekeringen voor ZVW is omlaag gegaan maar de WAO / WIA / WGA premies zijn gestegen.

De gemiddelde bezetting:

20152014
Totaal gemiddeld FTE's RET N.V. & RET Bus B.V.2.6822.674
Exploitatie1.3251.322
Techniek481465
Financiën9189
Algemeen9284
Herplaatsing02
Totaal gemiddeld FTE's RET N.V.1.9891.962
Totaal gemiddeld FTE's RET Bus B.V.693712

De medewerkers zijn overeenkomstig vorig jaar allen werkzaam in Nederland.

 

Afschrijvingen op materiële vaste activa

x € 1.00020152014
7.8079.661
Afschrijvingen6.3857.104
Bijzondere waardeverminderingen1.4222.557

De afname van de afschrijvingen betreft met name de lagere afschrijving op rollend materieel als gevolg van de in 2014 opgenomen impairment. Voor de bijzondere waardeverminderingen wordt verwezen naar de toelichting op de materiële vaste activa.

Overige bedrijfskosten

x € 1.00020152014
93.299120.577
Belastingen, rechten en verzekeringen5.3877.808
Gebruiksvergoeding58.61058.590
Energieverbruik voortbeweging14.86015.352
Overig energieverbruik2.7753.287
Diverse overige kosten20.97221.605
Mutaties voorzieningen-9.30513.935

Belastingen, rechten en verzekeringen zijn lager dan voorgaand jaar. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door vrijval van een reservering welke te maken heeft met de vrij vervoerkaart.

De kosten voor energieverbruik bevatten energieverbruik voor de voortbeweging en overig energieverbruik. De afname in het energieverbruik voor de voortbeweging wordt voornamelijk veroorzaakt door lagere transportkosten (leveringskosten). Een prijsverlaging wordt gecompenseerd door een hoger verbruik. De kosten voor overig energieverbruik zijn gedaald door een correctie voor voorgaande jaren, waarbij energieverbruik voor abri’s bij een externe partij in rekening zijn gebracht.

De gebruiksvergoeding is de vergoeding die RET N.V. aan RET Infrastructuur B.V. (2015: € 21,3 miljoen,  2014: € 19,3 miljoen) heeft betaald voor het gebruikmaken van de infrastructuur en aan RET Railgebonden Voertuigen B.V. (2015: € 37,3 miljoen, 2014: € 39,3 miljoen) voor het gebruik van de tram- en metrostellen. De in rekening gebrachte gebruiksvergoedingen betreffen hoofdzakelijk afschrijvings- en rentekosten.

De mutatie voorzieningen bevat voornamelijk vrijvallen voor voorzieningen voor schadeclaims in RET N.V. van € 8,4 miljoen, vrijvallen cq onttrekkingen voor de voorzieningen referentiesheets en het verlieslatend contract bij RET Bus B.V.

Rentebaten- en lasten

x € 1.00020152014
4.2833.464
Rentebaten4.8674.422
Rentelasten-584-958

De rentebaten en -lasten zijn als volgt opgebouwd:

Rentebaten

x € 1.00020152014
4.8674.422
Rentebaten
Rente uit tegoeden bij banken110181
Geactiveerde rente022
Rente rekening-courant RET Infrastructuur B.V.1.855306
Rente rekening-courant RET Railgebonden Voertuigen B.V.2.6793.674
Overig223239

Rentelasten

-584-958
Betaalde rente opgenomen leningen-295-537
Dotatie renteverplichting RandstadRail-295-305
Overig6-116

Belastingen resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening

Met ingang van 2016 is de vennootschap belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. In de loop van 2015 is gestart met de voorbereiding op deze belastingplicht, waaruit de impact hiervan in 2016 duidelijk zal worden.

Aandeel in winst / verlies van ondernemingen waarin wordt deelgenomen

x € 1.00020152014
91628
Aandeel in resultaat deelnemingen91628

Het aandeel in het resultaat deelnemingen bestaat voor 2015 uit het definitieve resultaat van RMC over 2014. Over 2015 wordt een nihil resultaat voor deze deelneming verwacht.

Vennootschappelijke balans per 31 december 2015

(voor resultaatbestemming)

x €1.00031 dec 201531 dec 2014
363.626394.581
Vaste activa
Materiële vaste activa48.06446.944
Financiële vaste activa3.36312.966
51.42759.910
Vlottende activa
Voorraden13.11413.524
Onderhanden projecten134.451140.598
Vorderingen127.375124.401
Liquide middelen37.25956.148
312.199334.671
363.626394.581
Eigen vermogen
Gestort en opgevraagd kapitaal122122
Wettelijke reserves5370
Overige reserves151.048141.797
Onverdeelde winst6.6319.788
158.338151.707
Voorzieningen21.69930.897
Langlopende schulden14.92718.009
Kortlopende schulden168.662193.968

Vennootschappelijke winst- en verliesrekening over 2015

x € 1.00020152014
Netto Resultaat6.6319.788
Vennootschappelijk resultaat5.78627.926
Aandeel in resultaat deelnemingen845-18.138

Toelichting op de vennootschappelijke balans en winst- en verliesrekening

Algemeen

De vennootschappelijke jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de stellige uitspraken van de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving, uitgegeven door de Raad voor de Jaarverslaggeving.

De grondslagen van waardering en van resultaatbepaling voor de vennootschappelijke jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening zijn gelijk. Deelnemingen in groepsmaatschappijen worden gewaardeerd volgens de nettovermogenswaarde in overeenstemming met (de desbetreffende paragraaf van) de geconsolideerde jaarrekening.

Voor de grondslagen van de waardering van activa en passiva en voor de bepaling van het resultaat wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans en winst-en-verliesrekening.

Materiële vaste activa

x € 1.000     
Boekwaarde per 31 december 201531.74610.2248455.24948.064
Bedrijfs-gebouwen en terreinenMachines en installatiesAndere vaste bedrijfs-middelenVaste bedrijfs-middelen in uitvoering en vooruit-betaaldTotaal
Stand per 1 januari 2015
Aanschafwaarde 42.69833.5974.2302.58383.108
Cumulatieve afschrijvingen-9.280-23.704-3.1800-36.164
Boekwaarde per 1 januari 201533.4189.8931.0502.58346.944
Mutaties in de boekwaarde
Investeringen7742.02503.6186.417
In gebruikname activa in aanbouw3176350-9520
Overdracht (aanschafwaarde)1030-10300
Afschrijvingen-1.444-2.329-1240-3.897
Bijzondere waardeverminderingen-1.422000-1.422
Vrijval investeringsbijdragen0022022
Saldo mutaties 2015-1.672331-2052.6661.120
Stand per 31 december 2015
Aanschafwaarde 43.89236.2574.1275.24989.525
Cumulatieve afschrijvingen-12.146-26.033-3.2820-41.461

Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de toelichting van de materiële vaste activa in de geconsolideerde jaarrekening.

Financiële vaste activa

x € 1.000    
Boekwaarde per 31 december 20157511.4811.1323.364
Deelnemingen in groepsmaat-schappijenAndere deelnemingenOverige vorderingenTotaal
Boekwaarde per 1 januari 201563412.332012.966
Mutaties in de boekwaarde
Aankopen, verstrekte leningen001.2501.250
Verkopen, aflossingen0-7.6920-7.692
Resultaat deelnemingen753910844
Terugbetaling kapitaal deelnemingen0-3.2500-3.250
Negatieve waarde naar voorzieningen-63600-636
Overige mutaties00-118-118
Saldo mutaties 2015117-10.8511.132-9.602

Deelnemingen in groepsmaatschappijen

De deelnemingen in groepsmaatschappijen hebben betrekking op RET Materieel B.V. (statutair gevestigd te Rotterdam, aandeel in het kapitaal: 100 procent), RET Services B.V. (statutair gevestigd te Rotterdam, aandeel in het kapitaal: 100 procent) en RET Bus B.V. (statutair gevestigd te Rotterdam, aandeel in het kapitaal: 100 procent). Voor deze deelnemingen wordt artikel 2:403 BW toegepast.

RET Materieel B.V. beheert de fast ferry. RET N.V. voert de directie over RET Materieel B.V. en brengt daarvoor een management fee in rekening. RET N.V. gebruikt het materieel voor de exploitatie en betaalt hiervoor een gebruiksvergoeding aan RET Materieel B.V. In 2015 werd door RET Materieel B.V. geen resultaat behaald (2014: ook geen resultaat). De waarde van de deelneming is € 14.000.

RET N.V. heeft een deelneming van 100 procent in RET Services B.V. Deze vennootschap voert voor RET N.V. beperkte niet direct met het openbaar vervoer verband houdende activiteiten uit. De directie van RET N.V. voert de directie over RET Services B.V. en brengt deze kosten op marktconforme wijze in rekening bij RET Services B.V. De waarde van de deelneming is € 736.000 (2014: € 620.000). In 2015 werd door RET Services B.V. een positief resultaat van € 116.000 (2014: € 90.000) behaald.

RET Bus B.V. is voor 100 procent in handen van RET N.V. Deze vennootschap verzorgt de busconcessie per 9 december 2012. In 2015 werd door de B.V. een positief resultaat van € 636.000 behaald. De waarde van de deelneming is negatief € 8.948.000, deze is opgenomen onder de voorzieningen.

Voor de andere deelnemingen wordt naar de toelichting bij de geconsolideerde jaarrekening verwezen.

Voorraden

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
13.11413.524
Grond- en hulpstoffen19.43122.765
Af: voorziening incourante goederen-6.901-9.445
12.53013.320
OV-chipkaarten en merchandise584204

Onderhanden projecten

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
134.451140.598
Te factureren termijnen op onderhanden werk134.451140.598
Onderhanden projecten206.063185.672
Af: ontvangen termijnbedragen-130.179-94.335
Af: voorziening projecten-1.166-2.240
74.71889.097
Waarvan verricht werk < gefactureerde termijnen / ontvangen financiering - gepresenteerd onder kortlopende schulden59.73351.501

Vorderingen

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
127.375124.401
Vorderingen op handelsdebiteuren4.7384.782
Af: voorziening dubieuze debiteuren-119-116
4.6194.666
Vorderingen op groepsmaatschappijen1.5532.202
Vorderingen op participanten en maatschappijen waarin wordt deelgenomen01.016
Belastingen en premies sociale verzekeringen4.6385.869
Overige vorderingen115.625109.958
Overlopende activa940690

In de post vorderingen op groepsmaatschappijen is opgenomen een bedrag van circa € 1,5 miljoen aan rekening-courantverhouding met RET Materieel B.V. en circa € 0,1 miljoen aan rekening-courantverhouding met RET Services B.V. Het rentepercentage op deze verhoudingen bedraagt 3,0 procent. Omtrent aflossing en zekerheden is niets overeengekomen.

Vorderingen op participanten en maatschappijen waarin wordt deelgenomen bestonden eind 2014 nagenoeg geheel uit een vordering op TLS B.V.

Belastingen en premies sociale verzekeringen betreft te vorderen B.T.W.

In de overige vorderingen zijn begrepen de rekening-courantverhoudingen met RET Railgebonden Voertuigen B.V. en RET Infrastructuur B.V. ultimo 2015 van € 82,1 miljoen (2014: € 87,4 miljoen). Voor deze rekening-courantverhoudingen zijn geen limieten opgenomen. De rentepercentages bedragen 3,0 procent voor RET Infrastructuur B.V. en 3,1 procent voor RET Railgebonden Voertuigen B.V. (2014: 3,5 procent). Omtrent aflossing en zekerheden is niets overeengekomen.

Daarnaast is een post van € 6,4 miljoen aan nog te ontvangen verkoopsom voor de aandelen van Trans Link Systems (TLS) opgenomen. Dit bedrag is begin 2016 ontvangen.

Onder de vorderingen zijn begrepen vorderingen op de aandeelhouder van € 69.000. Tevens is een vordering opgenomen voor te ontvangen maandtermijnen voor (jaar)abonnementen van € 5,1 miljoen (2014: € 4,8 miljoen).

De reële waarde van de vorderingen benadert de boekwaarde, gegeven het kortlopende karakter van de vorderingen en het feit dat waar nodig voorzieningen voor oninbaarheid zijn gevormd.

Liquide middelen

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
37.25956.148
Kas4145
Bank36.69055.604
Overig528499

De liquide middelen staan ter vrije beschikking van de onderneming.

Eigen vermogen

x €1.000     
Stand per 31 december 2015122537151.0486.631158.338
Gestort en opgevraagd kapitaalWettelijke reservesOverige reservesOnverdeelde winstTotaal
Stand per 1 januari 20151220141.7979.788151.707
Stand per 1 januari 20151220141.7979.788151.707
Mutaties in het boekjaar
Aandeel in resultaat van deelnemingen093-9300
Winstverdeling vorig boekjaar009.788-9.7880
Onverdeelde winst lopend boekjaar0006.6316.631
Overige mutaties0444-44400
Saldo mutaties 201505379.251-3.1576.631
Stand per 31 december 2015122537151.0486.631158.338

Het maatschappelijk aandelenkapitaal van RET N.V. bedraagt € 600.000 verdeeld in 600 gewone aandelen, elk met een nominale waarde van € 1.000. Het geplaatste aandelenkapitaal bestaat uit 122 aandelen met een nominale waarde van € 1.000 elk. Alle geplaatste aandelen zijn volgestort.

De gemeente Rotterdam is enig aandeelhouder.

De wettelijke reserve wordt aangehouden voor positieve resultaten en rechtstreekse waardevermeerderingen van de deelneming RMC waarvan uitkering niet kan worden bewerkstelligd.

In de post onverdeelde winst is begrepen het resultaat over 2015.

Voorzieningen

x € 1.000     
30.897-3.6285.812-11.38221.699
Boekwaarde per 1 januari 2015Ont-trekkingenDotatieVrijvalBoekwaarde per 31 december 2015
Personeelsvoorzieningen
Sociaal Plan452-4833100
FLO669-10031-1599
Jubilea2.746-23537202.883
Langdurig zieken2.207-959151-2241.175
WW regulier en bovenwettelijk3.035-9751.213-1.0792.194
Overig1.748-269340-2411.578
Reorganisatievoorziening
Reorganisatievoorziening1.407-575198-759271
Overige voorzieningen
Incidentele claims9.002-12.581-8.4263.156
Negatieve waarde deelneming9.58400-6368.948
Verlieslatend contract008950895
Overig47-310-160

Er zijn geen voorzieningen die betrekking hebben op belastingen.
De looptijd van de verschillende voorzieningen is als volgt weer te geven:

x € 1.000    
6.88911.8033.00721.699
< 1 jaar> 1 jaar < 5 jaar> 5 jaarTotaal
Personeelsvoorzieningen3.2512.1713.0078.429
Reorganisatievoorziening231400271
Overige voorzieningen3.4079.592012.999

Voor nadere toelichting wordt verwezen naar de toelichting van de voorzieningen in de geconsolideerde jaarrekening. De voorziening negatieve waarde deelneming is gevormd aangezien RET N.V. zich middels art 2:403 lid 1 sub b aansprakelijk heeft gesteld voor de verplichtingen RET Bus B.V.

Langlopende schulden

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
14.92718.009
Overige schulden14.92718.009

Overige schulden hebben voor € 18,0 miljoen betrekking op de vooruit ontvangen bijdrage voor de kapitaallasten uit hoofde van de investering CS-Zuidplein. Hiervan heeft € 3,1 miljoen betrekking op 2016 en is gerubriceerd als overlopende passiva. Een bedrag van € 1,1 miljoen heeft een resterende looptijd van langer dan 5 jaar. Het gehanteerde rentepercentage bedraagt 4,56%.

Kortlopende schulden

x € 1.00031 dec 201531 dec 2014
168.662193.968
Schulden aan leveranciers en handelskredieten27.93533.297
Schulden aan groepsmaatschappijen4.31911.429
Schulden aan participanten en aan maatschappijen waarin wordt deelgenomen158629
Belastingen en premies sociale verzekeringen10.9378.084
Onderhanden projecten59.73351.501
Overige schulden5.2867.294
Overlopende passiva60.29481.734

De reële waarde van de kortlopende schulden benadert de boekwaarde vanwege het kortlopende karakter ervan. In de post schulden aan groepsmaatschappijen is opgenomen een bedrag van circa € 4,0 miljoen aan rekening-courantverhouding met RET Bus B.V. Omtrent aflossing en zekerheden is niets overeengekomen.

Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de toelichting van de kortlopende schulden in de geconsolideerde jaarrekening.

Niet in de balans opgenomen opgenomen rechten en plichten

Voor een specificatie wordt verwezen naar de toelichting op de niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen in de geconsolideerde jaarrekening.

Salarissen eigen personeel

In 2015 is een totaalbedrag van € nihil (2014: € 12.279) ten laste van RET N.V. gebracht in het kader van de crisisheffing. In de post salarissen eigen personeel is begrepen de bezoldiging van (voormalige) statutair directeuren en commissarissen. De beloning van de statutair directeur, de heer Peters, is weergegeven in de volgende tabel.

x € 1.000Vaste en variabele beloningenBeloningen betaalbaar op termijnTotaal
201527520295
201425044294

Het beloningsbeleid voor de statutair directeur van RET N.V. is vastgesteld door de Algemene vergadering van Aandeelhouders en in overeenstemming met het beleidskader Verbonden Partijen. De beloning wordt bepaald op basis van een Peergroup, waarbij deze onder de mediaan moet liggen en de variabele beloning maximaal 15% van de vaste beloning bedraagt. De bezoldiging van bestuurder omvat periodiek betaalde beloningen, zoals salarissen, vakantiegeld en sociale lasten, beloningen betaalbaar op termijn, zoals pensioenlasten en winstdelingen en bonusbetalingen, voor zover deze posten ten laste zijn gekomen van de vennootschap.

De statutair directeur wordt beloond middels een vaste en een variabele beloning. De variabele beloning wordt gebaseerd op een aantal prestatiecriteria. De prestatiecriteria en de uiteindelijke hoogte van de variabele beloning worden voor het boekjaar besproken en goedgekeurd door de Raad van Commissarissen en vervolgens vastgesteld door de aandeelhouder. De vastgestelde prestatiecriteria voor 2015 zijn gebaseerd op het bedrijfsresultaat, de klanttevredenheid, de medewerkerstevredenheid, de productiviteit van Exploitatie, de punctualiteit, de verbetering van de interne organisatie en de realisatie van het businessplan 2013-2017. De statutair directeur heeft een regulier arbeidscontract en valt daarmee onder de reguliere cao wat betreft de pensioenregeling.

De beloning van de gezamenlijke commissarissen is weergegeven in de volgende tabel.

x € 1.000Vaste en variabele beloningenBeloningen betaalbaar op termijnTotaal
20151060106
201495095

In verband met wijzigingen in de Raad van Commissarissen heeft er een kleine overlap plaatsgevonden. De beloning van de commissarissen bestaat uit een vaste vergoeding op jaarbasis voor zover deze posten ten laste zijn gekomen van de vennootschap. Er zijn in 2015 geen bijzondere vergoedingen verstrekt aan (voormalig) statutair directeuren en commissarissen.

De gemiddelde bezetting:

20152014
Totaal gemiddeld FTE's RET N.V.1.9891.962
Exploitatie1.3251.322
Techniek481465
Financiën9189
Algemeen9284
Herplaatsing02

De medewerkers zijn overeenkomstig vorig jaar allen werkzaam in Nederland.

Accountantskosten

In het boekjaar in rekening gebrachte honoraria huidige en afloop voorgaande accountant:

x € 1.00020152014
389478
Onderzoek van de jaarrekening195259
Andere controle opdrachten9824
Adviesdiensten op fiscaal terrein19114
Overig7781

Overige gegevens

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

Aan: de algemene vergadering van Rotterdamse Elektrische Tram N.V.

Verklaring over de jaarrekening 2015

Ons oordeel

Naar ons oordeel geeft de in dit jaarverslag opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen van Rotterdamse Elektrische Tram N.V. op 31 december 2015 en van het resultaat over 2015 in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 van het in Nederland geldende Burgerlijk Wetboek (BW).

Wat we hebben gecontroleerd

Wij hebben de in dit jaarverslag opgenomen jaarrekening 2015 van Rotterdamse Elektrische Tram N.V. te Rotterdam (‘de vennootschap’) gecontroleerd. De jaarrekening omvat de geconsolideerde jaarrekening van Rotterdamse Elektrische Tram N.V. en dochtermaatschappijen (samen: ‘de groep’) en de enkelvoudige jaarrekening. De jaarrekening bestaat uit:

  • de geconsolideerde en enkelvoudige balans per 31 december 2015;
  • de geconsolideerde en enkelvoudige winst-en-verliesrekening over 2015 ; en
  • de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige toelichtingen.

Het stelsel voor financiële verslaggeving dat is gebruikt voor het opmaken van de jaarrekening is Titel 9 Boek 2 van het in Nederland geldende Burgerlijk Wetboek (BW).

De basis voor ons oordeel

Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’.

Wij zijn onafhankelijk van Rotterdamse Elektrische Tram N.V. zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA).

Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel.

Verantwoordelijkheid van de directie en de raad van commissarissen

De directie is verantwoordelijk voor:

  • het opmaken en het getrouw weergeven van de jaarrekening en voor het opstellen van het directieverslag, beide in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW, en voor
  • een zodanige interne beheersing die de directie noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude.

Bij het opmaken van de jaarrekening moet de directie afwegen of de vennootschap in staat is om haar werkzaamheden in continuïteit voort te zetten. Op grond van het genoemde verslaggevingsstelsel moet de directie de jaarrekening opmaken op basis van de continuïteitsveronderstelling, tenzij de directie het voornemen heeft om de vennootschap te liquideren of de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of als beëindiging het enige realistische alternatief is. De directie moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de vennootschap haar bedrijfsactiviteiten kan voortzetten, toelichten in de jaarrekening.

De raad van commissarissen is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de vennootschap.

Onze verantwoordelijkheid voor de controle van de jaarrekening

Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Ons controleoordeel beoogt een redelijke mate van zekerheid te geven dat de jaarrekening geen afwijkingen van materieel belang bevat. Een redelijke mate van zekerheid is een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle afwijkingen ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen.

Een meer gedetailleerde beschrijving van onze verantwoordelijkheden is opgenomen in de bijlage bij ons rapport.

Verklaring betreffende overige bij of krachtens de wet geldende eisen

Verklaring betreffende het directieverslag en de overige gegevens

Wij vermelden op basis van de wettelijke verplichtingen onder Titel 9 Boek 2 BW (betreffende onze verantwoordelijkheid om te rapporteren over het directieverslag en de overige gegevens):

  • dat wij geen tekortkomingen hebben geconstateerd naar aanleiding van het onderzoek of het directieverslag, voor zover wij dat kunnen beoordelen, overeenkomstig Titel 9 Boek 2 BW is opgesteld, en of de door Titel 9 Boek 2 BW vereiste overige gegevens zijn toegevoegd.
  • dat het directieverslag, voor zover wij dat kunnen beoordelen, verenigbaar is met de jaarrekening.

Rotterdam, 12 april 2016
PricewaterhouseCoopers Accountants N.V.

Origineel getekend door: drs. M.R.G. Adriaansens RA

Bijlage bij onze controleverklaring over de jaarrekening 2015 van Rotterdamse Elektrische Tram N.V.

In aanvulling op wat is vermeld in onze controleverklaring hebben wij in deze bijlage onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening nader uiteengezet en toegelicht wat een controle inhoudt.

De verantwoordelijkheden van de accountant voor de controle van de jaarrekening

Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze doelstelling is om een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen dat de jaarrekening vrij van materiële afwijkingen als gevolg van fouten of fraude is. Onze controle bestond onder andere uit:

  • het identificeren en inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing;
  • het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de entiteit;
  • het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door de directie en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan;
  • het vaststellen dat de door de directie gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is. Tevens op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de entiteit zijn bedrijfsactiviteiten in continuïteit kan voortzetten. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat een onderneming haar continuïteit niet langer kan handhaven;
  • het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen en het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen.

Wij communiceren met de raad van commissarissen onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing.

Download de controleverklaring van de onafhankelijke accountant
Download het jaarverslag 2015 RET N.V.

Statutaire regeling omtrent resultaatbestemming

De statuten (artikel 26) bepalen dat de winst ter beschikking staat aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. De vennootschap kan slechts uitkeringen doen voor zover haar eigen vermogen groter is dan het gestorte en opgevraagde deel van het geplaatste kapitaal, vermeerderd met de reserves die krachtens de wet moeten worden aangehouden. Uitkering van winst geschiedt na goedkeuring van de jaarrekening waaruit blijkt dat dit geoorloofd is.

Voorstel resultaatbestemming

Voorgesteld wordt om de winst 2015 van € 6,6 miljoen toe te voegen aan de overige reserves.

Gebeurtenissen na balansdatum

Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum die aanpassing van de jaarrekening of vermelding in het jaarverslag vereisen.

Rotterdam, 12 april 2016

Raad van Commissarissen

Prof. Dr. J.P. Bahlmann – Voorzitter
drs. M.J. Nouwen – Lid
Ir. L.H. Keijts – Lid
Mr. V. van der Chijs – Lid
Dhr. K. Voormeulen – Lid

Bestuurder

P.G. Peters – Statutair directeur

 

Meerjarenoverzicht

 20152014201320122011
Aantal vervoerde personen (x 1.000.000)158153150145142
Aantal reizigerskilometers (x 1.000.000)794758730678657
Plaatskilometers (x 1.000.000)5.2745.4054.6044.8224.782
Aantal voertuigen532550567587523
Concernresultaat (x € 1.000.000)6,69,810,910,310,4
Ebitda (x € 1.000.000)0,225,124,539,647,0
Solvabiliteit42,0%37,0%36,9%36,1%30,6%
Rentabiliteit totaal vermogen3,8%3,3%3,8%1,1%6,0%
Current-ratio1,81,71,71,61,5
Aantal FTE's2.6822.6742.6852.7042.619
Gemiddeld ziekteverzuim6,8%7,1%7,6%7,5%6,1%
  • Het aantal voertuigen neemt af als gevolg van het afstoten van oude voertuigen.
  • Het aantal FTE’s in 2012 toegenomen door instroom van Qbuzz personeel
  • EBITDA wordt berekend exclusief de mutatie van voorzieningen

Bijlage Milieubarometer

De Milieumetergrafiek laat de verhouding van de milieu-impact (milieubelasting) van onze bedrijfsvoering zien ten opzichte van 2013.

Toelichting meerjarengrafiek CO2 Milieubarometer

 201320142015
Totale RET uitstoot in ton CO225.33724.92025.457
Compensatie gebruik van groen gas3.7883.1563.323
Netto CO2-uitstoot21.54921.76422.134

Data CO2-uitstoot voertuigen

 2014  2015  
Totaal21.365,9758,128,221.174,5794,226,7
Uitstoot in 1000kg CO2 eq*Reizigers km x 1mlngram CO2 eq /r.km.Uitstoot in 1000kg CO2 eq*Reizigers km x 1mlngram CO2 eq /r.km.
Metro1.154,8531,22,21.107,6555,82,0
Tram378,6117,43,2397,0123,53,2
Bus19.176,3108,9176,118.963,7114,3165,9
Fast Ferry656,20,61.093,7706,20,61.093,2

RET Totaal CO2-meter

Milieubarometer-CO2-meter-P2

RET Totaal Milieumeter

Milieubarometer-Milieumeter-P2

RET Totaal Milieumeter 2014

Milieubarometer-Milieumeter-2014-P2

 

RET Totaal Milieumeter 2015

Milieubarometer-Milieumeter-2015-P2